Hulphamster

Van hulphond, via hulpcavia naar hulphamster.

Het kan raar lopen in het leven. Heb je alle vertrouwen in de hulpverlening en dan krijg ik dit te horen van mijn coach: “Wat vind je van een hulphamster? Het zijn erg snoezige dieren”. Ja hoor, vast heel snoezig maar niet in mijn huis. Gelukkig herinnerde hij zich wel dat ik een hekel heb aan de AH hamsters. “Dat is totaal iets anders, een echte hamster”. Nou sorry hoor, maar ik blijf sceptisch. “Wat moet ik daar dan van verwachten? Gezelligheid, levendigheid, genegenheid, warmte op een eenzaam moment?” De therapeutische werking zou vooral komen door het aaien van de hamster. Ik vrees dat ik er alleen maar gestresst van raak en de hamster doodknijp. Zo’n beest wil helemaal niet geaaid worden, dat is iets wat mensen denken. Het grootste deel van de tijd zit hij in zijn kooi en rent wat rondjes in een rad. Schijnt hij leuk te vinden rennen in een rad, ik geloof er niks van. Die beesten vervelen zich rot.

Vervolgens zijn we filmpjes op youtube gaan kijken. Blijkt dat één hamster niet kan, je moet er altijd twee hebben anders worden ze eenzaam en gaan ze dood. Maar zo’n hamster heeft mij toch als maatje? Zo ziet die hamster het dus niet, hij wil een lotgenoot, samen in één kooi. Toen ik hoorde in een filmpje dat ze vreselijk piepen was ik er helemaal klaar mee. Wat een gekkigheid zo op de maandagochtend.

Puzzel Jodenbreestraat

De laatste tijd vind ik het leuk om te puzzelen, een rustgevende activiteit. Althans dat hoop je, dat je er rustig van wordt. Ik ben bezig met een puzzel van een tekening van het Rembrandthuis in de Jodenbreestraat in Amsterdam.

Een vriend heeft me deze puzzel cadeau gedaan. Ik was er erg blij mee. “Oh wat leuk, dat had je niet hoeven doen.” De puzzel zit in een melkpak en telt 500 stukjes. Moet te doen zijn. Dat past ook prima op mijn tafel.

jodenbree-tekening-1.jpg

Het ging al fout bij de afbeelding. Op de voorkant van het pak zijn de zijkanten ervan af gelaten. Op de achterkant staat een klein plaatje van de volledige puzzel. Om de rand te leggen was al een bijna een onmogelijke opgave. Maar dat is gelukt!

Vervolgens puzzel ik me suf met de rest. Wat een ramp, het plaatje op de voorkant klopt ook niet. Daarnaast passen de stukjes niet altijd even goed. Dan wordt het echt een kwestie van met je vuist op de puzzel slaan. “Godsakker jue, waarom past dit niet!” Op een gegeven moment kwam ik er achter dat ik een deel van de puzzel op zijn kop had gelegd. Tja, dat gaat helemaal niet werken. Bij mij plopt steeds de gedachte op, “Leuk cadeau, maar dat had je niet hoeven doen” Mocht het me ooit nog lukken om hem helemaal af te maken dan maak ik er een foto van.

De puzzel is waarschijnlijk bedoeld als een souvenir. Het is vast niet de bedoeling dat je hem daadwerkelijk gaat maken. Toch geef ik het nog niet op, met wat tijd en geduld moet het lukken.

Hamsterloze zelfbedieningskassa

Het zijn weer hamsterweken bij de AH. Die shit beesten zitten weer overal. Mijn zus en nichtje hadden met Oud en Nieuw bedacht om een kersthamster in mijn bed te leggen. Ik lag net lekker in het bed van mijn neef Bas toen ik wat raars voelde bij mijn voeten. Wat is dat!? Een fucking kersthamer! Ze hadden mazzel dat ik te ziek was om naar beneden te gaan. Dan had ik de hamster op een vuurpijl gebonden en de lucht in geschoten. Of ik had de hamster ritueel kunnen verbrand.

Maar dit terzijde. Ik was bij de Albert Hein vandaag en ik had een boodschappentas nodig. Ik wilde er één kopen bij de zelfbediengskassa. Daar hingen alleen maar tassen met de nare rare hamsters erop. Ergens achteraan hingen nog een paar gewone tassen. Alle hamstertassen haalde ik eraf om een gewone tas te kunnen pakken. Begint zo’n meisje van de AH te zeuren. Als je ze echt nodig hebt zie je ze nooit, ze komen alleen als je geen hulp wilt. Ik probeerde haar uit te leggen dat ik geen tas met hamsters erop wilde. Daar ga ik echt niet mee over straat! “Meent u dit nou echt?” vroeg ze. “Ja!” Ze begon te klagen dat alle hamstertassen op de grond lagen. “Dat is mooi, dan kan ik er lekker op gaan stampen”. “Dan krijgt u een winkelverbod, er zijn grenzen”. “Lijkt me lastig om te handhaven. Maar goed als je erop staat dat ik ze weer ophang, dan doe ik daar niet moeilijk over”. Waar is het concept klantvriendelijkheid gebleven. Ze had haar excuses moeten aanbieden voor die gekke tassen en mijn hamsterleed moeten verzachten. Een speciale hamsterloze zelfbedieningskassas, dat zou ook mooi zijn.

Mijn voorstel is dat alle hamsters naar een Albert Hein Hamster Pension moeten gaan. Ze zijn aan het dementeren, dat veroorzaakt de chaos in de winkels. Hamsters die op de verkeerde plek in de winkels staan, waardoor je geen hamsterkorting krijgt. Hamsters die eindeloos staan te zeuren over hun ouderdomskwaaltjes. “Nee, ik wil niet meer bij de broodafdeling staan, dan krijg ik last van mijn poten.” Ik verwacht dat ze binnenkort voorgoed verdwenen zijn.

Draaideur Nijntje

In het UMC kun je een ribfluwelen Nijntje kopen, de opbrengst gaat naar het Wilhelmina Kinderziekenhuis. Met dit geld kunnen zieke kinderen wat leuks gaan doen. Ze hadden verschillende kleuren: bruin, grijs, roze, groen, wit en blauw. Ik twijfelde over de kleur en stelde mijn aankoop steeds uit. Tot het moment dat ik zag, dat er alleen nog maar bruine en grijze Nijntjes waren. De verkoopster in de winkel wist niet of er nog andere kleuren op voorraad waren.

In de draaideuren bij de ingang hingen er Nijntjes als kerstdecoratie. Ik vroeg aan de verkoopster of ze er één blauwe voor me uit wilde halen. Bruin en grijs vond ik niet echt feestelijk. Het was onmogelijk om een Nijntje eruit te halen, “Daar kunnen we niet aan beginnen”. Nou ja, dan koop ik maar een bruin Nijntje

Ze begreep wel dat een blauwe leuker was voor mijn kleinzoon. Ik ben 46 dus het zou kunnen, maar ik vind het nogal vroeg om oma te zijn. Ik overwoog nog even om te zeggen dat ik zelf graag met een knuffel slaap, dat er helemaal geen kleinzoon was. Ze vroeg of het een cadeautje was. Ja inmiddels wel, dan was ze nog even bezig met inpakken terwijl er een lange rij achter me was ontstaan.

Na de kerst haalden ze de kerstversiering uit de draaideur. Ineens stond er een blauw Nijntje in de winkel. Gelukkig had ik het bonnetje bewaard en de kaartjes er nog aan laten zitten. Ik wilde mijn bruine Nijntje ruilen voor de blauwe. Ik hoopte erop dat ik niet weer als een oma zou worden aangesproken. Helaas, ik kon hem ruilen en ze begreep dat mijn kleinzoon er blijer van werd. Helemaal omdat op het Nijntje glitters zaten. Nu heb ik ineens een disco-Nijntje

Ik voel me inmiddels hoogbejaard. Wat gebeurt er als ik echt een oma zou kunnen zijn, word ik dan een overgrootmoeder?

Hoe dan ook hoop ik dat de kinderen in het WKZ een leuke middag hebben.

Belevenis UMC

Een beknopte samenvatting van mijn verblijf in het UMC. De strijd om de afstandbediening, overspel, ecorexia, de teckel, het bord, ervaringsdeskundige en het ijskonijn.

Afstandbediening

De laatste opname had zo zijn eigen karakter. Een Belgische vrouw had de afstandsbediening geconfisqueerd, zodat we alleen maar naar de Waalse televisie konden kijken. Wat voor mij niet echt een probleem is omdat ik de Franse televisie prima kan volgen zonder ondertitels. Anderen hadden daar meer problemen mee. Met als voordeel dat er verder bijna niemand tv keek, lekker rustig. Wel bizar dat ik wist wat voor weer het de volgende dag in Wallonië zou zijn.

Overspel

Dan hadden we nog onze eigen versie van “de vieze man” die zeker 150 kilo woog. Hij had ook zo’n “vieze man” huppeltje en stak het puntje van zijn tong steeds uit. Half kwijlend vertelde hij me dat zijn vriendin het heel erg vond dat hij was opgenomen. Ze bang was dat hij vreemd zou gaan met vrouwen op de afdeling. “Dat zouden ze wel willen, maar over een jaar ga ik met haar trouwen”. Ik denk dat haar angst niet echt realistische angst is. Ach ja, liefde maakt blind… Deze man had overigens, denk ik niet door hoe dik hij eigenlijk was. Regelmatig ging hij in een stoel zitten die aan zijn achterwerk bleef hangen als hij opstond.

Ecorexia

Er was ook een Wereld Natuur Fonds jongen opgenomen, duidelijk herkenbaar aan de panda op elk kledingstuk. Daar kan ik al helemaal niks mee. Hij was erg druk met het scheiden van afval, wat op deze afdeling niet werd gedaan. Het leek wel een misdaad dat alles in één vuilnisbak werd gegooid. Volgens mij moeten we een ziekte aan de DSM-V toevoegen, ecorexia.

Ik begrijp ook niet waarom er ooit voor een panda is gekozen als logo. De reden dat de panda’s uitsterven is niet alleen omdat hun leefgebied steeds kleiner wordt, maar ook omdat ze er geen zin in hebben om zich voort te planten. Het zijn ongelofelijk luie beren. Een beer is oorspronkelijk een vleeseter maar een panda eet alleen maar bamboe. Hun spijsvertering is hiervoor niet geschikt en hierdoor zitten ze de hele dag bamboestengels weg te kauwen. Maar dit terzijde.

Op een gegeven moment had ik het er helemaal mee gehad met alle het uitstervende dierenleed en stelde voor om de ijsberen naar de Zuidpool te emigreren en de pinguïns naar de Noordpool. Dat leek mij een goed plan om de biodiversiteit op beide poolkappen te versterken omdat het geen natuurlijke vijanden zijn. Ik begrijp zelf ook niet helemaal waar dit toe leidt, maar toch,…

Teckel

Bij de activiteiten therapie heb ik geprobeerd om een teckel te haken. Ik kan wel breien maar haken lukt me niet. Ik begrijp het gewoon niet. Na een week was ik nog niet verder dan de kont van de teckel, en riep “Ik word helemaal suïcidaal van dat gehaak, wat een ramp!” De activiteiten begeleidster stelde voor om wat anders te gaan doen. Uiteindelijk heb ik een bloempot gehaakt, ook hip.

Het bord

Dan hebben we ook nog de kwestie van “het bord”. ’s Ochtend werd ik wakker met krampen in mijn kaken, nek en schouders. Toen ik aan de ontbijttafel zat verminderde de pijn niet. Nadat ik mijn bakje muesli had opgegeten wilde ik van tafel af maar dat mocht niet. Ik moest gewoon wachten tot iedereen klaar was. Ik dacht fuck it, de pijn is niet om uit te houden en ik ging van tafel richting mijn bed. Vervolgens roept iemand me na “Je bord. Je moet je bord opruimen!”. Dat bord had ik helemaal niet gebruikt en ik voelde me er niet verantwoordelijk voor. Ik draaide me om en liep terug om mijn bakje te pakken. “Het bakje wil ik nog wel meenemen, maar daar houdt het op.” “Maar dat bord is van jou!” werd nogal snibbig naar me geroepen. Als ik geen pijn heb dan moet je met deze onzin niet bij mij zijn. Met pijn, mag je blij zijn dat ik het bord niet naar je hoofd slinger. Ik stelde voor dat ze het zelf kon opruimen. Ze wilde het bord niet opruimen omdat het niet van haar was en ontplofte bijna. “Weet je wat, dan laat je het staan en wordt het vanzelf  een stilleven” was mijn conclusie.

Ervaringsdeskundige

Op een avond verscheen er een ervaringsdeskundige op de afdeling. Het is helemaal hot om ervaringsdeskundige te zijn. Ik probeer medepatiënten zoveel mogelijk te mijden en dan komt er ook nog een ervaringsdeskundige bij. Ze was behoorlijk opdringerig en vooral blij met zichzelf. Door het gekwetter van haar met iemand kon ik me niet goed concentreren op de televisie. Moet niet gekker worden dacht ik. Heb ik de afstandsbediening van de Belgische trol afgepakt en kan ik eindelijk kijken naar een programma dat ik leuk vind en dan zit er iemand doorheen te praten. Ik vroeg aan haar of ze ergens anders wilde gaan zitten, omdat ik tv aan het kijken was. Daar had ze geen zin in, ik moest zelf maar oprotten naar een andere kamer. Ik vond het erg onprofessioneel om een privégesprek in een woonkamer te voeren, dat vond zij niet. “Iedereen lijdt op zijn eigen passende wijze en kan dat uiten in een gezelschap.” Ik stelde haar een ultimatum. “Ik ga nu roken als ik terug ben, zit je hier niet meer.” Toen ik terugkwam zat ze tv te kijken en ze had de afstandsbediening. DWDD had ze afgezet en ze keek nu naar Goede tijden slechte tijden. Wel symbolisch, vanuit haar optiek vertegenwoordigt zij de goede tijd en wij de slechte tijd. Nou ja, toen ben ik maar naar mijn kamer gegaan. Kansloos

Ijskonijn

Deze keer was er een man die zeker geen klik met me voelde. Hij lag in echtscheiding met zijn vrouw. Om een lang verhaal kort te maken. Achteraf had hij de scheiding kunnen zien aankomen. Hun “woeste” seksleven lag al een hele tijd stil. Zijn vrouw was veranderd in een ijskonijn, net zoals jij. Oké? Dat hij steeds praat over zijn vrouw is nog daar aan toe. Maar om mij daarbij te betrekken als ijskonijn gaat me te ver. Ik wilde tegen hem zeggen: “Ben je wel helemaal normaal?” Het antwoord is simpel: Nee! Ik kreeg de neiging om een laxerend middel door zijn soep te roeren.

Hopelijk ben ik de komende tijd verlost van mensen met psychische klachten.