Weet je waarom?

De meeste dingen die je doet maken onderdeel uit van je dagelijkse routine. Het zou lastig zijn als je elke dag, steeds weer opnieuw bedenkt wat je wilt gaan doen. Toch vraag ik me regelmatig af waarom ik iets doe en of ik het eigenlijk wel wil doen. Uit dit gepieker is het onderstaande gedicht ontstaan.

Weet je waarom?

Je moet willen te willen, want

Willen te moeten is geen willen

Als je wilt wat moet dan wil je niet.

 

Steeds maar doorgaan,

zonder te weten waarom.

De enige reden is: daarom.

 

Daarom is het waarom met een reden

Bij het ontbreken hiervan,

wordt daarom weer waarom.

 

Dan toch maar willen omdat het moet.

Maar waarom dan?

Nou, gewoon daarom.

 

Bijwerkingen

De afgelopen maanden krijg ik electroshock behandelingen in het UMC. De behandeling gebeurt onder narcose en daarom word ik een dag opgenomen. Eén van de nadelen vind ik de mannen op de afdeling, die kunnen zich niet beheersen. Nou is dat misschien ook wel teveel gevraagd op een psychiatrische afdeling, maar toch.

Het begon met “Ik vind jou een tof en lekker wijf en je haar zit heel leuk”. Iedere keer als ik zat te roken kwam hij bij me zitten. Ik wist niet zo goed hoe ik moest reageren. Met name op het deel: “Voordat ik een einde aan mijn leven ga maken wil ik dit toch nog even tegen je zeggen”. Het zijn ook geen gevoelens die je onuitgesproken je graf mee wilt innemen. Ik vroeg me wel af of ik bij de verpleging moest gaan melden dat hij een einde aan zijn leven wilde maken. Maar ja, hij zit er natuurlijk niet zonder reden.

Een andere man wilde graag contact met me blijven houden als ik thuis was. “Ik mis je de hele week zo, je geeft me zo’n fijn gevoel. Mag ik je bellen, maar één keer per dag. Alsjeblieft”. Met mijn vage ect hoofd heb ik hem mijn telefoonnummer gegeven. Eenmaal thuis baalde ik ervan: “Dat heb je weer lekker voor elkaar Mayke. Hangt er elke dag een wanhopige man aan de telefoon”. Iedere keer als mijn telefoon ging en er geen naam in de display stond wilde ik eigenlijk niet opnemen. Maar hij belde me gelukkig niet, ik vroeg me wel af waarom niet. Heeft hij zelf ingezien dat het niet zo’n goed plan is? Is hij me weer helemaal vergeten? Of is hij dood?

De keer daarop zag ik hem weer. Hij had geprobeerd me te bellen maar het telefoonnummer klopte niet. “Welk nummer heb je dan gebeld? 06-191044676. Dat is het nummer van mijn bankrekening, geld storten mag natuurlijk altijd.” Mijn telefoonnummer heb ik hem niet meer gegeven.

Het meest vervelende vond ik de half verlamde man uit Limburg. Op een ochtend dat ik helemaal geen zin had in de ect behandeling kwam hij naar me toe in een wit t-shirt en een knal blauwe joggingbroek. Ik kende hem van een eerdere opname. Hij wilde me wat vragen. “Klopt het dat er iets is tussen ons? Dat we een speciale band hebben? Dat er een vonk is overgeslagen?” De enige vonk die er is overgeslagen is de stroom op mijn hoofd dacht ik. Om een einde te maken aan deze situatie riep ik maar heel snel ik ben autistisch, bijzondere, speciale spanningen met mensen merk ik niet op. Iedere keer als ik hem zie denk ik wat ben jij een oetlul met je “iets tussen ons”. Als je een vrouw wil versieren trek dan in ieder geval iets fatsoenlijks aan. Niet zo’n lullige te kleine knal blauwe joggingbroek. Maar goed, hij spoort natuurlijk niet.

Dit zijn slechts een paar voorbeelden. Er wordt regelmatig aan me gevraagd of ik seks met iemand wil hebben. Steeds antwoord ik dat ik autistisch ben en niet geïnteresseerd ben. Ik vind het lastig om het in het juiste perspectief te plaatsen. Het zijn zieke mensen die niet helemaal goed weten wat ze doen of zeggen. Waarbij de grenzen zijn vervaagd en die je het niet kwalijk kunt nemen.

Aan mijn zus vroeg ik waarom die mensen niet een beetje normaal kunnen doen: “Mayke, je zit op een psychiatrische afdeling”.

 

 

Kort pleziertje

Vandaag zat ik in de bus en voor mij zaten drie moslimmannen duidelijk herkenbaar door lang gewaad en baard. Er zat ook nog een heel mooi Hollands meisje bij hen die op haar mobiel keek. Één van de mannen pakte zijn mobiele telefoon en maakte ongemerkt foto’s van het mooie meisje. Hij liet ze zien aan de man die naast hem zat, en ze grinnikten. Stelletje viespeuken dacht ik, een beetje gaan zitten geilen in de bus. Ik vroeg me af of ik haar moest waarschuwen. Of tegen de mannen moest zeggen dat dit echt niet kan. Stiekem foto’s van iemand maken. Het was respectloos en het voelde als een visuele aanranding.

Toen ik thuiskwam wilde ik weten hoe zo’n gewaad van een man heet. Na wat surfen op het internet kwam ik op een interessante website. www.bekeerling.nl

Met het hoofdonderwerp: “De richtlijnen omtrent kleding binnen de Islam”. De hoofdboodschap was: “Allah (vrede zij met hem) heeft ons verteld om ons zo te kleden”.

“O profeet, zeg tot jouw echtgenotes tot jouw dochters en tot de vrouwen van gelovigen dat zij hun overkleden over zich heen laten hangen. Op die manier is het gemakkelijker om hen te herkennen en worden ze niet lastig gevallen.” Koran hoofdstuk 35:59.

Verdere uitleg op deze website leidde tot verbazing. Als een man een bedekte vrouw ziet weet hij dat ze niet geïnteresseerd is in een “leuke tijd” [wat een leuke tijd is vraag ik me af]. “Het is geen vrouw om een dagje of een week mee door te brengen.” Zo zou een man die uit is op een kort pleziertje, nooit afstappen op een vrouw die zichzelf bedekt heeft zoals de Islam dit voorschrijft.

Allah, onze profeet, overschat de charmes van mannen. Alsof dit blonde meisje überhaupt geïnteresseerd zou zijn in een kort pleziertje met één van hen.

Mandarijnen stress

In de supermarkt heb ik afgelopen week een netje mandarijnen zonder pit gekocht. Het is best knap dat je een mandarijn kan maken zonder pitjes erin omdat in fruit immers pitjes zitten. Helaas is het niet zo eenvoudig.

Bij de eerste mandarijn met een pitje dacht ik: “kan gebeuren”. Het bleef echter niet bij één mandarijn ook in de andere zaten één of meerdere pitjes. Voordat ik nu een partje in mijn mond stop, kijk ik of er één in zit maar vaak zie ik het niet. Als ik twijfel voel ik heel voorzichtig, ik wil het partje namelijk niet fijnknijpen. Regelmatig denk ik dat er geen pitje in zit, maar dan zit er toch één in. Irritant!

Je vraagt je misschien af waar ik me druk over maak. Ik vind het gewoon misleiding, koop ik iets met een bepaalde verwachting, zonder pit, en dan blijkt het niet zo te zijn. Even heb ik overwogen om terug te gaan naar de supermarkt, om een nieuw netje mandarijnen te vragen. Deze keer echt zonder pit. In de winkel wilde ik dan al controleren of er pitjes in zitten, ik laat me niet nog eens besodemieteren. Maar dan zul je zien, dat ze juist die ene mandarijn zonder pitjes eruit halen.

Ik heb overigens een wat gecompliceerde relatie met mandarijnen. In het mandarijnenseizoen ben ik jarig. Elk jaar trakteerde ik op school mandarijnen met een vlaggetje erin. De juffen en meesters vonden het een goed idee. Eindelijk een moeder die met een gezonde traktatie kwam. Stond ik daar bij het uitgaan van school, met mijn schaal mandarijnen. Mijn klasgenoten waren er niet blij mee en hierdoor was ik op mijn verjaardag niet echt populair.

Zelfs met Sinterklaas zaten er nog mandarijnen in mijn schoen. Wat is dat voor een rare Sint. Rende ik vol verwachting de trap af om te zien wat er in mijn schoen zat. Een chocoladeletter, speculaas pop, marsepein? Of een pakje chocoladesigaretten, die waren helemaal stoer. Maar nee hoor, een mandarijn, had ik daar die mooie tekening voor gemaakt?

Één ding is in ieder geval wel duidelijk, mijn moeder hield van mandarijnen.

Ik ben niet de enige die problemen heeft met mandarijnen op “forum-viva.nl” heeft Truecolours ook problemen:

“Als ik twee netjes koop, dan haal ik elke keer als ik een mandarijn wil uit één van de netjes de meest zachte. Ik vind het verschil in mandarijnen in één netje soms nog best verschillen. En anders kan je in de winkel de meest zachte en een netje wat hardere pakken, dan weet je in ieder geval dat je goed zit.”

Les demoiselles d’ Avignon van Picasso

“Les demoiselles d’Avignon” is één van mijn favoriete schilderijen. Ik vind het fascinerend omdat het een enorme dynamiek heeft, je wordt er als het ware ingezogen om er vervolgens ontdaan weer uit te komen. Het is één van de belangrijkste schilderijen uit de twintigste eeuw, een keerpunt in de kunstgeschiedenis.

Leven van Picasso

Al heel vroeg was het talent van Picasso zichtbaar. Zijn vader stimuleerde hem door modellen in te huren en hem te helpen bij een tentoonstelling op dertien jarige leeftijd. Zijn ouders hoopten dat hij een succesvolle academische schilder zou worden.

In de herfst van 1897 begon hij in Madrid aan zijn opleiding aan de kunstacademie. Hij vond het hij saai en maakte liever tekeningen van de stad en schetsen van meesterwerken in het Prado. Hier ontdekte hij de Spaanse schilderkunst en was hij met name onder de indruk van het werk van Velazquez, El Greco en Goya.

In de lente van 1898 gaat hij naar Barcelona en bezoekt regelmatig “Els Quatre Gats”, een café waar Catalaanse kunstenaars en schrijvers kwamen. Zij volgden de ontwikkelingen in de kunst in Parijs. Hier heeft Picasso in februari 1900 zijn eerste solotentoonstelling, met veertig portretten. In april 1904 verhuisde hij naar Parijs en werd geïnspireerd door de werken van Van Gogh, Gauguin en Toulouse-Lautrec.

In de zomer van 1905 bracht hij drie weken door bij de schrijver en kunstverzamelaar Tom Schilperoot in Schoorl. Hier ontmoette hij ook de schrijfster en voorstander van moderne kunst Gertrude Stein. Zij bracht hem in contact met Matisse en Braque. Aan het einde van dit jaar verlegde Picasso de focus van zijn werk op het Kubisme.

Voorstudies

voorstudie picasso I
Voorstudie van Les Demoiselles, 1907 van houtskool en pastel

Voordat hij begon aan het schilderij maakte hij honderden voorstudies en in een half jaar werkte hij zijn ideeën verder uit. Uit vroege voorstudies blijkt dat hij aanvankelijk zeven figuren wilde afbeelden; vijf prostituees en twee mannen. Aan de linker kant staat een geneeskunde student met een schedel in zijn hand en in het midden staat een zeeman. De student observeert en de zeeman participeert in de allegorie op deugd en ondeugd. (Leo Steinberg, recensent)

Deze figuren zijn uiteindelijk weggehaald voor een meer abstracte weergave, die zich uiteindelijk heeft ontwikkeld tot een meer compacte en hoekvormige compositie. Op de voorgrond staat een tafel met een Catalaanse “porón” (drinkfles), een gesneden meloen en een vaas met bloemen.

De naam van Les demoiselles d’Avignon verwijst naar de bordelen op “Carrer d’Avinyo” in Barcelona. Het is niet de naam die Picasso aan het schilderij gaf maar zijn vriend André Salmon, die als recensent over het schilderij schreef. Picasso was het hier niet mee eens, het is “Mon Bordel”.

Het schilderij

Les demoiselles
Pablo Picasso. Les Demoiselles d’Avignon. 1907. Oil on canvas. 96 x 92Ó (243.9 x 233.7 cm) The Museum of Modern Art, New York. Digital Image (C) 2004 The Museum of Modern Art.

Les Demoiselles d’Avignon is een afbeelding van vijf naakte vrouwen, duidelijk prostituees in een bordeel.

De drie vrouwen links, waarvan de meest linker van opzij is afgebeeld. Zij houdt het gordijn opzij waardoor de anderen te zien zijn. De twee andere linker vrouwen zijn frontaal afgebeeld en kijken naar de toeschouwer van de scéne. De afbeelding van deze drie vrouwen, met name het hoofd van de meest linker, is beïnvloed door Oude Iberische beelden die Picasso een jaar eerder in het Louvre had gezien. De drie linker gezichten, zijn abstract maar niet onaangenaam om naar te kijken.

De twee vrouwen rechts hebben gezichten die lijken op hoofden van Afrikaanse beelden of maskers die Picasso had gezien in het Musée Ethnographie du Trocadéro in Parijs. Hier raakte Picasso gefascineerd door Primitieve kunst; Afrikaanse maskers en beelden. De vrouw rechtsboven heeft vierkanten borsten, dit is het begin van het Kubisme.

Picasso zegt na het zien van de Afrikaanse beelden. “Men had made those masks and other objects for a sacred purpose…At that moment I realized that this is what painting was all about…it’s a form of magic…a way of seizing power…When I came to this realization, I knew I had found my way.” quoted in Pierre Daix, Picasso, Life and Art, New York, 1993, p. 7

De lichamen van de vrouwen zijn gemaakt uit platte, hoekige en gekleurde vlakken, waardoor er diepte in het schilderij ontstaat. Ook de achtergrond is opgebouwd uit geometrische vormen. De vrouwen staan los van de grond. Het contrast tussen de kleuren is tot een minimum teruggebracht.

Ophef over het schilderij

Toen het schilderij af was, werd het nog niet tentoongesteld. Ook Picasso vond het een verontrustend schilderij en het duurde nog tien jaar voordat hij het wilde tentoonstellen in de “Salon d’Antin” in Parijs. Een lange tijd heeft het schilderij in zijn atelier gehangen waar andere kunstenaars het bekeken.

Naast enkele vroege bewonderaars, waren Picasso’s vrienden, tijdgenoten en verzamelaars geshockeerd. “Een verlies voor de Franse kunst” zei de kunstverzamelaar Sergei Ivanovich Shchukin, een voorstander van moderne kunst. Boos geworden door het schilderij geloofde Henri Matisse dat Picasso de moderne kunst belachelijk maakte. Dat hij zou bedenken hoe hij Picasso ten onder zou kunnen laten gaan en dat hij zijn excuses zou aanbieden voor deze roekeloze knoeierij. Zelfs de mede oprichter van het Kubisme, Georges Braque suggereerde dat Picasso met zijn schilderij “hen terpentine wilde laten drinken en vuurspuwen” André Derain zou gezegd hebben “Een dezer dagen hangt Picasso zich op achter zijn schilderij”.

Een meesterwerk?

Kunstenaars die hun tijd ver vooruit zijn moeten vaak wachten totdat er waardering is voor hun werk. Dit is ook het geval met Picasso en “Les Demoiselles d’Avignon”. Vanaf het moment dat het schilderij zijn studio verliet leidde het tot ontelbare debatten, studies en artikelen. Een artikel in “The Guardian” van Jonathan Jones in 2007 vanwege het honderdjarige bestaan van het schilderij schreef:“ Works of art settle down eventually, become respectable. But , 100 years on [Les demoiselles d’ Avignon] is still so new, so troubling, it would be an insult to call it a masterpieceWebsite MOMA

Bronnen
Museu Picasso de Barcelona
Catalogus MOMA
Picasso. Forty years of modern art. New York Edited by Afrd H. Barr Jr. 1939
Picasso Les Demoiselles d’Avignon Edited by Christopher Green, Courtauld Institute of Art, University of London, 2001. In collaboration with the Art Institute in Chicago
Publication excerpt from The Museum of Modern Art, MoMA Highlights, New York: The Museum of Modern Art, revised 2004, originally published 1999, p. 64
MOMA Learning website
Living with Art Mark Getlein
Open Universiteit
Eeuwige Schoonheid E.h. Gombrich
History of Art, by H. W Janson (Author),

The Sorrow of Socks

In de dichtbundel “101 poems to keep you sane. Emergency rations for the seriously stressed” bewerkt door Daisy Goodwin staat in het hoofdstuk “Domestics Godness Anxiety” een gedicht waar ik altijd aan moet denken als ik de was aan het opruimen ben. Iedereen kent vast wel het probleem van die ene sok die overblijft.

The Sorrow of Socks 

Some socks are loners-
They can’t live in pairs.
On washdays they’ve shown us
They want to be loners.
They puzzle their owners,
They hide in dark lairs
Some socks are loners-
They won’t live in pairs.

Wendy Cope