De onwetendheid van een hulphond

Afgelopen woensdag zat ik een stampvolle spitsbus. Een blinde vrouw stapte in maar niemand wilde voor haar opstaan. Ook de mensen niet die op de invalidenstoelen zaten. Een ander verplichten om op te staan vond ik wat ingewikkeld en dus bood ik haar mijn stoel aan. Met wat moeite kon ze de stoel vinden en zat haar hulphond in het gangpad. Mensen probeerde niet op de hond te gaan staan maar in een volle bus lukte dat niet altijd. De hond werd wat onrustig en hierdoor dacht de blinde vrouw steeds dat ze uit de bus moest. 

Blijkbaar was ze niet volkomen blind omdat ze naar buiten keek en uit de bus wilde. Ze stond op en wurmde zich tussen de mensenmassa door. – “Ik wil eruit” bleef ze herhalen. Het uitchecken ging niet omdat ze niet zo ver kon kijken en op de gok met haar pas wapperde. Ik wilde haar helpen maar daar was ze niet van gediend. Je weet het ook nooit met gehandicapten, dacht ik. 

De bus stopte voor het stoplicht en stond dus stil. De vrouw dacht dat we bij de bushalte waren aangekomen en begon weer te roepen “Ik wil eruit” en duwde hard tegen de mensen aan die voor de deur stonden. Die werden kwaad en riepen “Duw niet zo hard!”. Om de zaak wat te sussen zei ik dat we voor een stoplicht stonden, toen hield ze op met duwen. 

De volgende stop was inderdaad bij de bushalte en met wat duwen ging ze de bus uit, ook de hond kwam heelhuids naar buiten. Vervolgens wilde ze oversteken. Het stoplicht was kapot en het licht was dus niet rood en ook niet groen. De hond was hier blijkbaar niet op getraind en liet de vrouw oversteken. Het was halfzes, spitsuur op de Biltstraat en alle fietsers en automobilisten gingen vol op de rem. Ik wilde haar tegenhouden maar toen ging ze met haar stok zwaaien. Dan druk ik het nog positief uit want eigenlijk was ze me aan het slaan met haar stok. Kun je dat een blinde kwalijk nemen? Geen idee, misschien wil ik haar wel beroven…

De volgende keer dat ik een “hulpbehoevend persoon” zie, loop ik er met een bocht om heen. 

De perro de ayuda, por cobayo de ayuda a hámster de ayuda

En la vida pasan cosas raras. Tienes toda la confianza en la asistencia social y entonces mi tutor me dice esto: – “Qué te parece un hámster de ayuda? Son animales encantadores”. Sí por supuesto animales muy encantadores pero no en mi casa.

Afortunadamente le recordaba bien que odio los hámsteres de AH. – “Esto es algo totalmente diferente, un hámster en vivo”, decía el. Bien lo siento, pero me mantengo escéptica. – ”Qué podré esperar de esto? Compañía, animación, cariño y calor en un momento solitario?”

El efecto terapéutico estaría causado sobre todo por acariciarle. Temo que solamente llegue estar estresada y apréte el hámster.

Tal animal en absoluto no quiere que se le acaricie, es solamente una cosa que la gente piensa. La mayoría del tiempo esta en su jaula corriendo ruedas en su rueda. Parece que le gusta, correr en una rueda. ¡Vaya! No lo creo, estos animales se aburren como una ostra.

Luego hemos visto algunas películas en Youtube. Parece que solo un hámster no es posible, siempre tienes que tener dos, si no, se sienten solos y se mueren. Como puede ser que este hámster me tenga compañera? En esa manera un hámster no me ve, quiere un compañero de infortunio, juntado en una jaula. Cuando oía en la película que chillan terriblemente, estaba hasta las narices de los hámsteres.

Que locura el lunes por la mañana. Ya no saben qué inventar …

Plantas perras of plantas gatas

Mijn buurvrouw heeft waarschijnlijk een hele botanische tuin in haar appartement. Ze gaat twee weken op vakantie en zoekt via de huisapp iemand die haar planten water kan geven. “Het zijn wel een stuk of 10 plantjes, waarvan er 2 tamelijk groot zijn”. 

Ik kan van alles, maar voor planten moet je niet bij mij zijn. Op het moment dat ze helemaal slap hangen denk ik er pas aan dat ze water nodig hebben. Dan is het vaak al veel te laat. Ik heb me maar afzijdig gehouden bij deze App. Lijkt me niet nodig om te melden dat alle planten bij mij doodgaan. 

Wat ik nog wel wilde vragen, was of het plantas perras of plantas gatas zijn. Dat vind ik een mooi onderscheid van de Spanjaarden. Planten die veel aandacht nodig hebben of planten die het altijd wel goed doen en hun eigen gang gaan. Plantas gatas wil ik best wel water geven. Ik ben ook meer een kattenmens misschien omdat ik zelf ook behoorlijk eigenzinnig ben.

Na eindeloos veel Appjes krijgen de planten op 15 september één keer water door D+J. Dat is dan ook weer opgelost. 

Zo’n huisapp vind ik behoorlijk ingewikkeld. Vaak weet ik niet hoe ik moet reageren en of ik moet reageren. Misschien ben ik er te oud voor en geef ik toch de voorkeur aan persoonlijk contact. Ik vind het ook een beetje sub-assertief. Bijvoorbeeld een foto van oude panty’s in een hoekje van de douche. Met de tekst: ‘Dit is een gemeenschappelijke ruimte wil de eigenaar het opruimen’. Ik wilde reageren met de tekst: “Goh wat een mooi stilleven, echt surreëel” maar dat wordt vast niet gewaardeerd. Na drie weken lagen ze er nog steeds en heb ik ze opgeruimd. Ik wilde er een filmpje van maken “How to…” maar ook dat heb ik niet gedaan. Ach ja, ik leef in mijn koninkrijkje, zonder planten overigens maar met veel kunst. 

Contactstoornis

Vorige week attendeerde een cassiere van de Jumbo mij erop dat hij me al lang niet meer gezien had. “U kwam hier elke dag, maar het is nu al enige tijd geleden”. Wat gaat jou dat aan, vroeg ik me af. Toen hij me nariep, “niet meer zolang wegblijven mevrouw, tot gauw” voelde ik me voorschut staan voor de hele winkel.

Waarom kom ik eigenlijk niet meer zo vaak bij de Jumbo, vroeg ik me af. Het antwoord was simpel omdat ik meer naar de nieuwe AH ga die er naast is. Vandaag ontdekte ik nog een andere reden: het goede doel. Bij de ingang van de Jumbo zat zo’n “ik ben van het goede doel” mevrouw. Daar ben ik altijd een beetje allergisch voor. Er is zoveel leed in de wereld dat je er hele supermarkten mee zou kunnen vullen. Deze mevrouw zei gelukkig niks toen ik binnenkwam. Ze zat te bellen met iemand. Toen ik eenmaal in de rij stond bij de kassa was ze nog steeds met luide stem aan het bellen. Dat schiet lekker op voor het goede doel, dacht ik. En nee, ik wil niet horen dat je kleinkind met haar vinger tussen de deur heeft gezeten. Gelukkig hing ze op.

Helemaal niet gelukkig! Ze schoot in de goede doelen stand “voor kinderen met een contactstoornis”. Ik dacht: mens je hebt zelf een contactstoornis. Daarnaast heb ik ook een contactstoornis. Daar had ze wel eens rekening mee kunnen houden. Ik raakte echt mega-geïrriteerd “voor kinderen met een contactstoornis” het ging maar door. Ik hoopte dat ze haar snavel dicht zou houden als ik langs haar liep anders ga ik haar slaan. Gelukkig bedacht ik een goed alternatief, een duim in mijn oor. Dan kan ik haar niet slaan en dan hoor ik haar niet zo goed.

Eenmaal buiten dacht ik “Het moet niet gekker worden”. Toen ik een kind was, had je geen contactstoornis, was je gewoon raar en vervelend. “Doe eens gewoon mee” zeiden ze tegen mij. Als ik toen had gezegd “ik heb een contactstoornis”, dan had ik de hele dag met een bordje om mijn nek met de tekst erop “ik ben een ezel”, voor de klas moeten gaan staan. Tegenwoordig schreeuwen ze het door de supermarkt om geld binnen te halen. Ben benieuwd voor welke zielenpoot ze volgende week in de winkel staan.

Communicatiestoornis

Huis van Gaudí ontdekt?

Casa Vicens

Tijdens mijn laatste vakantie in Barcelona maakte ik een rondleiding door “Casa Vicens” van Antonio Gaudí. Een huis in de stijl van het Modernisme Català, de Catalaanse variant van de Atr-nouveau en Jugendstillbeweging 

Het huis ligt aan de Carrer de les Carolines op nummer 24 in de wijk Gràcia. Dit is het eerste belangrijke huis dat Gaudí bouwde in Barcelona tussen 1883 en 1889 in opdracht van Manuel Vicens i Montane, eigenaar van een aardewerkfabriek. Het was het zomerverblijf van deze familie. In het huis zijn verschillende bouwstijlen gecombineerd. Het onderste deel is gebouwd in traditionele Spaanse stijl. De panelen voor de ramen komen uit de Japanse architectuur. De tweede verdieping heeft veel Moorse invloeden. De is gevel weelderig versierd en heeft kleine erkers die iets uitspringen.

Opvallend aan het huis vond ik de tegels op de gevel. De tegels werden door Gaudí ontworpen naar het voorbeeld van de Afrikaantjes (Tagetes patula) die op het terrein groeiden.

Pabellon de la finca Guëll

Op weg naar het klooster van Pedralbes liep ik door de Avenida de Pedralbes. Aan het begin van deze straat staat op nummer 15 het beroemde huis van Gaudí “Pabellon de la finca de Pedralbes”. Op dit moment wordt het gerestaureerd en kun je het niet bezoeken. Van de buitenkant is het al indrukwekkend. Vooral het drakenvormige smeedijzeren hekwerk. Casa Vicens is uit dezelfde periode als Pabellon de la finca Guëll. Het is gebouwd in opdracht van zijn grote mecenas Eusebi Guëll tussen 1883 en 1887.

.

Avenida de Pedralbes 48/104

Tot mijn grote verbazing zag ik aan de rechterkant van de straat een vervallen huis staan tussen grote villa’s. Vroeger was het waarschijnlijk een vrijstaand huis omdat de straat van de naam erop staat. Iets anders merkwaardigs was dat het huisnummer was veranderd van 104 naar 48.

Wat me direct opviel waren de tegels. Deze kwamen overeen met de tegels op Casa Vicens. Ook het hekwerk voor de ramen was opvallend, duidelijk werk van Gaudí. Nergens hing een bordje waarop stond dat het een huis van Gaudí was. Het was wel duidelijk dat er niemand woonde, het zag er allemaal stoffig uit. De luiken waren in jaren niet open geweest. Ook de bijbehorende tuin was overwoekerd. Dit bevestigde wel mijn vermoeden dat het een huis van Gaudí was. Waarschijnlijk niet bijzonder genoeg om het te restaureren maar wel een monument waardoor er niemand in kan wonen omdat je het niet mag verbouwen. Bijzondere vondst. Of misschien ook niet, officiële bevestiging heb ik niet kunnen vinden.