Witte huis

 

In het midden van een bos

staat geheel onverwacht

een wit landhuis

 

Stemgeluid en muziek,

klinken naar buiten

Een eigen wereld

heeft daar plaats.

 

De paden

zojuist bewandeld

voetafdrukken

staan in het zand.

 

Even lijkt een deur open te gaan

maar sluit zich weer abrupt.

Weet je waarom?

De meeste dingen die je doet maken onderdeel uit van je dagelijkse routine. Het zou lastig zijn als je elke dag, steeds weer opnieuw bedenkt wat je wilt gaan doen. Toch vraag ik me regelmatig af waarom ik iets doe en of ik het eigenlijk wel wil doen. Uit dit gepieker is het onderstaande gedicht ontstaan.

Weet je waarom?

Je moet willen te willen, want

Willen te moeten is geen willen

Als je wilt wat moet dan wil je niet.

 

Steeds maar doorgaan,

zonder te weten waarom.

De enige reden is: daarom.

 

Daarom is het waarom met een reden

Bij het ontbreken hiervan,

wordt daarom weer waarom.

 

Dan toch maar willen omdat het moet.

Maar waarom dan?

Nou, gewoon daarom.

 

The Sorrow of Socks

In de dichtbundel “101 poems to keep you sane. Emergency rations for the seriously stressed” bewerkt door Daisy Goodwin staat in het hoofdstuk “Domestics Godness Anxiety” een gedicht waar ik altijd aan moet denken als ik de was aan het opruimen ben. Iedereen kent vast wel het probleem van die ene sok die overblijft.

The Sorrow of Socks 

Some socks are loners-
They can’t live in pairs.
On washdays they’ve shown us
They want to be loners.
They puzzle their owners,
They hide in dark lairs
Some socks are loners-
They won’t live in pairs.

Wendy Cope

De dingen om haar heen

Op school vond ik het vaak vreselijk saai. Om de tijd door te komen schreef ik gedichten en las de Donald Duck. Dit gedicht is jarenlang van de ene computer naar een nieuwe computer verhuisd.

image

De dingen om haar heen

De oude vrouw zit op een bank,
in de schaduw onder een boom,
beschermt tegen de hete zon.
Ze kijkt naar de dingen om haar heen.

Twee kinderen proberen een eend te pakken .
Langzaam gaat ze terug naar haar tijd.
Ze denkt aan haar man met mooi zacht haar,
die eens liefkozend hier naast haar zat.

Voorzichtig probeert zij zijn hand te strelen.
Dan hoort zij een eend hard kwaken.
en beseft dat hij hier nooit meer zal zijn.
Met een zakdoek droogt zij haar tranen,
en kijkt naar de dingen om haar heen.

1991