Zaaltje 5

Gisteren ben ik naar de bioscoop gegaan en het verliep weer eens niet helemaal soepel. De film was in de kleine zaal, zaaltje 5, in het Louis Hartloper Complex. Daar heb je standaard vaste zitplaatsen omdat deze zaal snel vol is. Ik had er niet veel zin in om op de stoel te gaan zitten die op mijn kaartje stond. De mevrouw bij de deur was nogal dwingend, “Nee ik mocht echt nergens anders gaan zitten”. Oké dan. Ik raakte in gesprek met een vrouw naast me. Zij vertelde dat er nogal eens ruzie is omdat mensen niet op de juiste stoel gaan zitten. Dat vond ik absurd, hoe moeilijk kan het zijn?

Nou blijkbaar héél moeilijk. Er kwamen een man en vrouw binnen die weigerden op de aangewezen stoelen te gaan zitten. Iemand uit de zaal riep: “Het zijn vaste zitplaatsen”. “Wij zitten liever hier” was hun antwoord. De mensen die later de zaal binnenkwamen raakten enigszins in de war, “Het zijn toch vaste zitplaatsen?”. Zij verwachtten dat ze aan moesten sluiten naast anderen. Maar ja het stel zat op de verkeerde plek. De vrouw besloot om op de juiste stoel te gaan zitten, de man echter niet. Ze bleven over en weer kibbelen in de zaal. “Ik ga niet verzitten” zei de man. “Ik zit nu op mijn stoel en blijf hier zitten” zei de vrouw. “Doe nou niet zo flauw en kom naast me zitten, vroeg hij”. “Nee, dat doe ik niet” was haar antwoord.

Toen kwam er een relnicht die helemaal in verwarring was omdat de volgorde niet meer klopte. “Het zijn toch vaste zitplaatsen, maar dit klopt niet”. Iedereen in de zaal riep meteen, “Ja, het zijn vaste zitplaatsen”. De vrouw antwoordde direct nogal snibbig “Ik zit op mijn stoel“. De man  besloot uiteindelijk met veel kabaal om toch maar op zijn stoel te gaan zitten. Ik vroeg aan de vrouw die naast me zat “Zijn wij nu getuige van het begin van een echtscheiding?” De boze vrouw hoorde dit en keek me woest aan. “Het kan ook een eerste date zijn, maar die is nu al totaal misgelopen, dat gaat niks meer worden”. “Ik zit toch op mijn stoel!” schreeuwde de vrouw.

De lampen gingen uit en de film kon beginnen. Hè, hè rust in de zaal. Maar nee, helaas. De relnicht besloot om te gaan verzitten. “Ik ga toch lekker ergens anders zitten”. De hele zaal riep naar de mevrouw van de bioscoop “Mevrouw, er gaat iemand op een andere stoel zitten!” 

De boze mevrouw die voor mij zat was bezig met haar telefoon. Een man naast me zei “Mevrouw zou u uw telefoon uit kunnen doen want het is nogal hinderlijk dat licht”. “Ik doe hem wel uit als de film begint”, antwoordde ze boos. Meteen verscheen er bewegend beeld op het scherm en ik kon het niet laten om te roepen “De film begint!”

Het was een mooie film maar wat kunnen mensen onmogelijk zijn. Het is vast allemaal hormonaal.

Brand New York Pizza

Van uw verslaggeefster ter plaatse.

Ik hoorde op het nieuws dat er vandaag rond 10.15 een explosie was in de New York Pizza op de Nobelstraat. Vanmiddag ben ik er even langsgelopen en het ziet er dramatisch uit. Er is weinig van het pand over, het is helemaal zwart geblakerd en de ramen zijn eruit.

De studenten die boven de pizzeria woonden waren in gesprek met hun advocaat. Zo hoorde ik dat er waarschijnlijk kortsluiting is geweest in de keuken en hierdoor de explosie is ontstaan. Al het glas is uit de gevel geknald en ligt verspreid op straat. In het studentenhuis woonden negen studenten waarvan er zes thuis waren. Een jongen heeft iedereen gewaarschuwd en uit het pand gehaald. Gelukkig was de ingang van het studentenhuis geschieden van de keuken. Bij de trap was wel veel rook en de muur grenzend aan de pizzeria was bloedheet. Het plafond van de pizzeria was zestig minuten brandwerend waardoor er geen vlammen waren in het huis. Wel kwamen de vlammen van buiten langs de muren omhoog. De uitslaande brand was zo hevig dat de verkeersborden gesmolten zijn. Het is werkelijk een wonder dat alle studenten op tijd het huis konden verlaten.

Het gaat zeker nog vier maanden duren voordat het pand weer bewoonbaar is. De studenten stonden aangeslagen te kijken naar hun huis waar nog weinig van over is. Het viel me op dat ze zich geen zorgen maakten over hun spullen maar vooral zich afvroegen waar ze nu moeten gaan wonen. Gelukkig hebben ze een advocaat die met hen in gesprek gaat met de SSH.

Mevrouw! Ik wil een muntje!

Ik pin eigenlijk nooit meer bij een automaat op straat maar vandaag had ik cash geld nodig. Nog geen seconde ben ik aan het pinnen en ineens staat er een dakloze man in mijn oor te schreeuwen. “Mevrouw! Ik wil een muntje!” Dit gaat niet werken, ik kan geen twee dingen tegelijk doen. Bovendien scheen de zon op het scherm waardoor ik bijna niets zag. Het voelde ook niet prettig dat ik mijn portemonaie vasthield terwijl hij naast me stond. Ik ben gestopt met pinnen en naar een winkel gegaan.

Tweede poging, geen dakloze man te bekennen, moet lukken deze keer. Hoe het mogelijk is, weet ik niet maar binnen no time wilde dezelfde kerel weer een muntje. Mijn antwoord was: NEE EN WEGWEZEN NU. Nog steeds bleef hij staan schreeuwen tegen me dat hij een muntje wilde. Ik dacht, nou ben ik er klaar mee, altijd dat gezeik over een muntje. Zelf vraag ik mensen toch ook niet om een muntje, lekker makkelijk geld verdienen. “Waarom heb je een muntje nodig?” wilde ik graag weten. “Ik ben dakloos en geestelijk afgekeurd Mevrouw, daarom kan ik niet werken.” Niet echt overtuigend. Een bijstandsuitkering? Inmiddels stonden mensen op een afstandje te kijken, met de vraag hoe loopt dit af? Ineens kreeg ik het idee om zelf een muntje te vragen. “Meneer heeft u een muntje voor mij? Twee euro graag want ik ben autistisch, dat is het zeker waard”. Die vraag had hij nog nooit eerder gekregen. Van “een mevrouw” werd ik ineens een gestoord tyfus kolere wijf, “Je krijgt geen muntje!” schreeuwde hij. Dat is dan wel weer helder. Er zijn dus mensen die om geld vragen en mensen die geld geven. De rollen kunnen niet worden omgedraaid. 

Nou, een vrolijke Pasen.

Apenkoppen op dieet

Telefonisch consult

Vrijdag belde mijn diëtiste om met me te bespreken hoe het met “mijn dieet” gaat. Precies op het moment dat ze belde, vijf minuten te laat, stopte ik een stukje chocolade in mijn mond. Nou moet ik heel eerlijk zijn, de afgelopen weken heb ik me niet strikt aan mijn dieet gehouden. Voor het gesprek heb ik een half uur gezocht naar de brief met mijn dieetadviezen. Ook moest ik op de weegschaal gaan staan, daar heb ik een enorme hekel aan. Eerst heb ik een dikke laag stof weggehaald omdat ik het nooit doe. Gelukkig was ik niets aangekomen.

Dieetadviezen

In mijn dieetadvies staat: “in de loop van de middag 4 Apenkoppen (snoep) en in de loop van de avond 2 Apenkoppen (snoep)”. Dat ik ’s middags Apenkoppen mag hebben wist ik niet meer. Als ik overdag een Apenkop eet, voel ik me altijd schuldig. Vooral ook omdat ik hem dan gewoon in mijn mond prop. ’s Avonds eet ik ze altijd volgens een bepaald systeem. Eerst het gele, naar banaan smakende gezichtje, dan het naar drop-banaan smakende linkeroortje, daarna het rechteroortje en als laatste het resterende hoofdje. Ik ben helemaal blij dat ik zes Apenkoppen per dag mag hebben. Het leven wordt een feest, zes Apenkoppen! 

Extraatje

In het ziekenhuis had de verpleging nog nooit van Apenkoppen gehoord. Ik heb een zakje voor ze gekocht. Een mens kan toch nooit echt gelukkig zijn zonder een Apenkop. Het zou eigenlijk op de maaltijdlijst moeten staan, als extraatje. Nu kon ik drie augurken aankruisen, daar word ik niet blij van.

Paaseitjes

Wat mijn dieet betreft, moeten we het even niet over chocolade hebben. Ik mag ’s middags één stukje chocolade. Nou, ik eet wel meer dan één stukje. Ik heb een bakje Tony’s Chocolonely paaseitjes gekocht omdat daar minder eitjes in zitten dan in een zakje. Je weet ook zeker dat ze lekker zijn. Je wordt er ook niet dik van als je er maar twee per dag eet. Paaseitjes kunnen erg smerig zijn. Vooral omdat je niet ziet wat er in zit. Bij de kassa van de Jumbo lagen gratis paaseitjes. Ik beet het eitje stuk en er zat onverwacht advocaat in. Echt goor! 

Daar heeft de Vieze man van Van Kooten en de Bie ook last van bij het proeven van bonbons.

“Nee. Ik vind het geen lekkere bonbon… Getverdemme vieze bonbon… Moet er bijna een beetje van overgeven… Ik moet gauw maar naar huis, om te gaan overgeven…”

“Niet langer het zoete privilege vormt van een bevoorrechte bovenlaag”

Hoog Catharijne, the Mall

Afgelopen maandag werd ik gebeld door Fred, de fotograaf van het Up Magazine. Hij vroeg of ik tijd had om een paar foto’s te gaan maken van Hoog Catharijne. Hij wilde eigenlijk zelf gaan maar dacht “Mayke is een fotograaf ter plaatse, die kan de foto maken”. Voor de Up had ik namelijk al eens eerder een aantal foto’s gemaakt. Mijn Spaanse les was verzet dus ik kon wel even naar Hoog Catharijne fietsen. Ik moest direct gaan omdat de zon scheen en het licht goed was om drie uur ’s middags. Hij stuurde me een voorbeeld van een foto die was genomen van een “hoge positie” zodat het dak erop stond.

Eenmaal aangekomen bij Hoog Catharijne zocht ik naar een hoge plek. Tegenover de ingang was er een restaurant met een terras. Maar ja, hoe kom ik daar? Met de lift kon ik naar boven. Nadat ik per ongeluk op de alarmbel had gedrukt, knopjes blijven ingewikkeld, hoorde ik ineens een man vragen wat het probleem was. Ik dacht dat ik onrechtmatig gebruik maakte van de lift, maar de man zei dat ik zelf op het alarm had gedrukt. Nou ja, niks aan de hand dus. Ik strandde op de eerste verdieping.

In het restaurant werd ik in het Engels begroet, het meisje sprak geen Nederlands. Ik vind dat een vreemde ontwikkeling, dat ik in Nederland Engels moet praten in een café of restaurant. Maar dit terzijde. Ik vroeg aan het meisje of het terras bij het restaurant hoorde. Dat klopte maar door de harde wind was het gesloten. Om een paar foto’s te maken wilde ze de deur wel open doen.

Er was één probleem, er stond een glazen wand als omheining en die verpestte mijn foto’s. Ik ben op een bankje gaan staan zodat ik er over heen keek. Nog een beter plan leek het me om op de tafel te gaan staan. Toen had ik last van een parasol die tegen me aanwaaide. Ik probeerde mijn evenwicht te bewaren zodat ik niet naar beneden viel. Ik was zo gefocust op het maken van een mooie foto dat ik niet echt nadacht over mijn levensgevaarlijke capriolen. Maar de foto’s zijn mooi geworden.