Pre-necrofilie 

Op verzoek van “Big Sister” is de inhoud van dit blog verwijderd.

IM Joke Merkx-Boeijen

Agapantus

En dan ineens zijn je dagen geteld.

De afgelopen maanden speelde mijn moeder de hoofdrol in haar favoriete film: Hable con ella, praat met haar. Steeds zag ik overeenkomsten tussen haar leven en dat van de comateuze Alicia, de hoofdpersoon in deze film. Dat we je bijvoorbeeld in een rolstoel in de zon zetten. Dat ik urenlang tegen je praatte als ik bij je op bezoek was. We masseerden je benen en we verzorgden je huid. Voor het geval dat je nog wakker zou worden

Wij wachtten naast je bed en zagen dat de tijd voorbij ging, zonder dat er iets gebeurde. Ik vroeg me af wie zit er in dit lichaam, mijn moeder? Of is ze allang verdwenen? Door goed naar je gezicht en ogen te kijken hadden we contact met je, soms een fractie van een seconde, maar we wisten dat je er nog was.

Een verpleegster in het Radboud zei: “Contact maak je met je hart, daar zit de liefde voor je moeder en in haar hart de liefde voor jou. Er gewoon zijn voor haar is voldoende.” En dat deden we.

De afgelopen jaren belde ik je elke dag, en we spraken over de meest uiteenlopende dingen. Bij de jaarwisseling zei je altijd “Hopelijk kunnen we ook dit jaar weer gezellig kletsen met elkaar”. Je vertelde me wat je had gegeten of over een boek dat je aan het lezen was. Je las de meest ingewikkelde boeken, Happerende hersenen bijvoorbeeld, een boek over hersenaandoeningen. Samen zochten we een boek uit voor ons eigen leesclubje. Je vertelde me dat je op youtube een leuk filmpje had gezien. Een gemist programma keek je op je iPad. Ik werd ook altijd op de hoogte gehouden van het wel en wee in Helmond.

Je was ook de redacteur van mijn blog en las als eerste mijn tekst. Zonder jou goedkeuring werd een bericht niet op het internet gezet. Toen ik in het ziekenhuis met je praatte over mijn blog en zei dat ik mijn grootste fan niet kwijt wilde raken, was haar antwoord: “Je kunt het ook goed zonder mij”.

Een van je laatste woorden zijn “Ik ben zo ziek en ik weet niet wat ik heb”. Als je van je bed naar een rolstoel ging keek je me aan met een blik van doe iets! help me! het doet zo’n pijn. Machteloos heb ik toegekeken en mijn hoop op verbetering brokkelde steeds verder af. In mijn hart deed het zo zeer.

Wij hebben er alles aan gedaan om een behandeling voor je te vinden, waardoor je beter kon worden. Helaas is er geen oorzaak gevonden voor je lijden. Verder leven op deze wijze, was onmogelijk.

Graag had ik wat extra tijd gekregen, al was het alleen maar om nog een laatste keer met je te kunnen praten. Om te kunnen zeggen dat ik van je houd en dat jij kan zeggen dat je van mij houdt.

 

 

Emojis in de verpleging

 

smiley nurse FEMALE

Aan de binnenkant van de kaft van het Spaanse boek “El tiempo entre suturas” geschreven door de fictieve verpleegster Saturada, staat een lijstje met emojis die gebruikt zouden kunnen worden in het ziekenhuis. Ik heb de emojis vertaald naar het Nederlands, gewoon omdat ik het leuk vind. De emojis kon ik helaas niet veel groter maken.

😷 geïsoleerde patiënt

😨 COPD

😦 longemfyseem

😳 snel werkende schildklier

😴 traag werkende schildklier

😖 diarree

😣 obstipatie

😓 β-HCG+ zwanger

😅 β-HCG- niet zwanger

😵 duizeligheid

😩 nierstenen

💔 hartaanval

💓 hartritmestoornissen

💞 hart transplantatie

🔄 draaideur patiënt

🐍 Deze collega kennen we allemaal

✂️ bezuinigingen

☁️ hoofd van de afdeling

🚽 momentje voor jezelf

🙈 foto fobie

🙉 oorontsteking

🙊 afasie

👋 Parkinson

✊ teken van Trousseau

🙋standaard neurologisch onderzoek

💆neurologisch onderzoek van het privéleven

🙏 slechte prognose 

👌 lage bloedsuiker

🎶 gedesoriënteerd

🏃 wisseling van de dienst

🛄 opname

🔀 interne verplaatsing

📉 lonen in de zorgsector

👍 ontslag

👎 exitus

🔦Goede nacht Nightingales!

Fixeren en Hitler

Gisteren was ik op bezoek bij mijn moeder in het ziekenhuis. Een verpleegkundige was bezig met haar in bed te leggen. Als je zelf niets meer kunt is dat een hele operatie. De verpleegster was erg informatief. Zo vertelde ze me dat vroeger de tillift moest worden opgepompd om de patiënt omhoog te takelen en de lucht weer eruit moest om de patiënt te laten zakken. Ik vond het een ingenieus systeem. Het probleem met de moderne lift is dat het, zoals bijna alles, een accu heeft die opgeladen moet worden. Dus ook de tillift moet regelmatig in het stopcontact.
Al eerder had ik me afgevraagd of mijn moeder in een “normaal” ziekenhuis ligt of een bed speciaal voor de geriatrie. Aan de zijkant zitten namelijk kleine ijzeren hekjes en het doet me denken aan een bed waarop iemand kan worden gefixeerd.

Toen mijn moeder in Helmond op de geriatrische afdeling lag, vroeg de arts of ze een onrustband mochten gebruiken. De rillingen liepen mij over de rug. In Spanje is het heel normaal om mensen die onrustig zijn te fixeren op bed. Op het internet heb ik foto’s en filmpjes gezien over hoe je op de juiste manier de banden vastmaakt. Ik vond het vreselijk om te zien. Nee, geen onrustband voor mijn moeder. Met dit antwoord was ze niet blij. Het was eigenlijk geen vraag maar een mededeling.

De verpleegster in het Radboud reageerde erg geschrokken toen ik aan haar vroeg of de hekjes aan het bed zaten om patiënten te fixeren. “Wij fixeren niemand, dat werkt alleen maar averechts dan worden patiënten nog onrustiger”. Ze had een hele lijst van acties om onrustige patiënten te behandelen. Waaronder medicatie, verandering van de houding in bed, op een rustige manier de patiënt vasthouden en er tegen praten… Dit alles om een patiënt weer rustig te krijgen. Ze zei dat angst bijna altijd voortkomt uit een gevoel van machteloosheid of boosheid. Zodra je iemand fixeert wordt het alleen maar erger.

Ze bracht de tillift weg en ik stond nog na te denken over wat ze had gezegd. “Weet u dat er door angst oorlogen zijn begonnen?” vroeg ze aan mij. Ik zag niet direct een verband. Ze legde me uit dat Hitler een goede kunstschilder was maar niemand kon zijn werk waarderen of erkende zijn talent. Hierdoor raakte hij gefrustreerd en boos. Hij voelde zich machteloos en verbitterd en probeerde op een andere manier wel waardering te krijgen. Zo begon de Tweede Wereldoorlog.  Misschien hadden we Hitler moeten fixeren. Net zolang totdat hij zelf ook begreep dat hij nooit een groot kunstenaar zou worden. Om zo zijn megalomanie te beknotten.

Nu we het toch over Hitler hebben stelde ik aan haar de vraag of de titel van zijn boek “Mijn kamp” is. Dat is namelijke een foutieve vertaling van “Mein kampf” wat mijn strijd betekent. Ze pakte haar smartphone, ik dacht dat ze ging googelen “Nee mevrouw ik zet de sondevoeding op een half uur”. Toen ze wegging zei ze tegen mijn moeder “Mevrouw Merkx wat heeft u een ontzettend leuke dochter”. Ik keek haar enigszins wantrouwend aan, “Nu moet ik op gaan letten” dacht ik. Een verpleegster die via de Zweedse band eindigt bij Hitler is niet gangbaar.

Déjà vu

In de zomer van 2010 werd mijn vader opgenomen in een verpleegtehuis. De PVP krant uit herfst 2010 ging over ouderen in de psychiatrie. Ik schreef een korte tekst om het perspectief van de familie te verwoorden. Ik vrees dat de verzorging in de afgelopen zes jaar niet veel beter is geworden. Nu is mijn moeder erg ziek en het hoogst haalbare is een verpleegtehuis. Wat wens je iemand toe, dat is de vraag.

Onlangs is mijn vader opgenomen in een verpleegtehuis. De verzorging thuis werd ondanks de thuiszorg te zwaar voor mijn moeder. Vooraf was ik al gewaarschuwd door een kennis van wie de vader ook opgenomen is: “de verzorging in een verpleegtehuis is minimaal, stel het zolang mogelijk uit.” Minimaal, maar wat houdt dat in? Eén keer per week onder de douche en de andere dagen wordt hij afgestoft met een doekje. Met een rollator lopen, liever niet want de verplegers hebben geen tijd om op te letten of hij valt. Hij kreeg direct een rolstoel om zich al trippelend voor te bewegen. Dat de rolstoel een lekke band had leek niemand te interesseren. Medicijnen en boterhammen die al uren op het nachtkastje staan, vieze kleren en ongepoetste tanden.

Dat mijn vader niet meer thuis kan wonen vind ik erg triest maar ik troostte me met de gedachte dat hij goed zou worden verzorgd. Geen luxe maar wel verzorgd. Ik heb geklaagd bij het verpleegtehuis maar hun antwoord was: “als je het anders wilt dan mag je het zelf komen doen”. Uit angst dat mijn vader de dupe wordt van mijn geklaag zwijg ik en hoop dat de verzorging beter wordt.

PVP Krant 2 Nieuwsbrief van de Stichting PVP, 20e jaargang nummer 2, herfst 2010, p. 6