Vaticaanstad

Het had een magische en spirituele plek moeten zijn, maar wat ik aantrof was een slecht georganiseerd pretpark. Met veel verschillende bewakers, die niet erg vriendelijk waren.

Het is allemaal heilige grond waar je met je billen niet op mag zitten. Dat ik op mijn hurken mijn evenwicht verlies, dat doet niet ter zake. Of je een pelgrim bent of toerist het maakt ze niets uit. Ik werd er een beetje opstandig van. Als er weer één of andere agent of soldaat een verhaal begon te vertellen, vroeg ik standaard of de Pausmobiel in de Sint Pieter stond. Alle kunst kan me gestolen worden, ik wil de Pausmobiel zien. Ze hebben in Vaticaanstad één cel om iemand in op te sluiten, maar dat was nog nooit gebeurd. Ik dacht, laat ik de eerste zijn. Staat wel goed op mijn kunstenaars-cv. 

Bij de Sint Pieter Basiliek stond een eindeloze rij mensen. De groepsreizen splitsten de wachttijd op. Om de beurt in de rij gaan staan en de rest zat op een terrasje. Om op het laatste moment weer samen te komen. Staan er ineens twintig mensen voor je in plaats van vijf. Ik dacht: dit ga ik niet doen. Hoppelakee ik sluit in het midden van de rij aan. Vond ik wel redelijk, als alleengaande reiziger. 

De Sint Pieter was indrukwekkend, overal waar ik keek was een meesterwerk te zien. Ik raakte verdwaald in het stuk waar je kon biechten als je een zonde had begaan. Het blijft intrigerend. Een houten hokje, waar twee personen in zitten. Ze kunnen elkaar nauwelijks zien. Er hangt een gordijn voor de ingang ervan zodat de zondaar in ieder geval niet te zien is. Het mooie is dat er een transformatie plaatsvindt in dat kleine hokje in een gigantische kerk. Als zondaar erin en zonder zonde er weer uit. Ik denk dan altijd nu moet ik oppassen want ‘Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen’ (Johannes 8:7). Dat staat immers in de bijbel geschreven.

Zwitserse Garde
L’Arma dei Carabinieri
Model van Pausmobiel
Biechthokje Sint Pieter
Vaticaanstad, het kleinste land ter wereld.
Ook alleenstaande stoelen in Vaticaanstad, Sint Pieter Plein

Van wie is deze koffer?

Amsterdam – Barcelona 30 oktober 2021

De reis

Inchecken

Vandaag mocht ik zelf mijn koffer inchecken met een automaat. Wat een gedoe. Het is altijd onduidelijk op welk moment je op welke knoppen moet drukken. Ook hoe je koffer in de machine moet worden gezet. Mijn koffer was te klein waardoor ik steeds de melding kreeg: ‘plaats uw koffer binnen het vak.’ Hij stond binnen de lijnen, dan maar aan zo’n meiske vragen hoe het moet. Vervolgens kreeg ik een blanco sticker. Nog een keer proberen, goede sticker. Hoe moet die nu geplakt worden? Denk ik teveel na of ben ik toch zwakbegaafd? Of gewoon te oud voor deze nieuwigheden.

Joan, mijn fitbit

Ik heb een fitbit gekocht. Een beetje met de tijd meegaan kan geen kwaad. Met een GPS functie. Deze vakantie raak ik de weg niet meer kwijt. Althans mijn fitbit raakt mij niet meer kwijt. Ik weet niet of we vrienden gaan worden. Eigenlijk zou ik een naam moeten bedenken. Ik heb Anna, de verwarming, Bobby mijn rugzak. Joan lijkt me een mooie naam. Klinkt lekker als de fitbit wat van zich laat horen “Wat wil Joan, nou weer? De eerste aanvaring hebben we al gehad. Op het scherm stond “u bent helemaal blij’. Daar was ik het niet mee eens, ik dacht dat kan wel wat minder. Ik ben wel blij maar niet helemaal. Hoe verzint Joan dit. Met mijn hartslag gaat het ook niet altijd goed. In een lange rij bij het toilet stijgt hij naar 108 door de ergernissen. Dan kan ik wel legitiem gebruikmaken van het gehandicapte toilet zodat ik snel weg ben en mijn hart weer tot rust kan komen.

Bagage

Ze hebben bij Transavia nieuwe regels voor de handbagage. Nog zeventig kleine koffer mogen mee in de bakken in de cabine en de rest gaat mee als ruimbagage. Mensen moeten zich van tevoren aanmelden, ervoor betalen en ze mogen als eerste aan boord. Bij het boarden is altijd te zien hoe opportunistisch mensen kunnen zijn. Veel mensen melden zich bij de gate onder het motto ‘we proberen het gewoon’. Gisteren was ik nog optimistisch over deze nieuwe regels, maar helaas er is geen kruid tegen gewassen. Voor mij stond een meisje eind twintig met zowaar twee tassen en een koffertje. “Als er toch één meegaat als ruimbagage dan kan ik ook nog wel een extra tas meenemen”. Per saldo gaat er nu nog meer het vliegtuig in. 

Je gooit het gewoon in de bagagebak het liefst iets verder van je zitplaats vandaan. Als een stewardess dan vraagt van wie is deze koffer blijft het stil. Na enige tijd soebatten ‘Is deze koffer van u?’ meldt de eigenaar zich. Vaak op aanwijzing van een medepassagier. Waardoor iemand, volledig onschuldig kan zeggen ‘Oh u bedoelt mijn koffer. Die kan niet in het ruim, nee dan moet ik wachten bij de bagageband. En ik word opgehaald, er staat iemand op mij te wachten. Nu kan ik het niet regelen hè, zeggen dat ik later ben. Poeh, nee, wat een gedoe.’ Oh die stewardessen van tegenwoordig. Poeh’, wordt er gemompeld. Ik denk dan er is geen gedoe. Je verwacht allerlei voorrechten, voelt je bijzonder en belangrijk. Tja en dat ben je niet. Nu moet een heel vliegtuig op jou wachten omdat je te kneiterig bent om te betalen voor je koffer.

23F

Vandaag zit ik op 24F en dat is niet oké. Ik zit altijd op 23F, dan kan ik het goed onthouden en dan weet ik waar ik ongeveer zit. Het is toch onwaarschijnlijk dat de stoel bij het boeken van de vlucht al bezet was. Nu doet het vliegtuig af en toe raar. Komt vast omdat ik niet op 23F zit, denk ik dan. Het zou me niks verbazen als ik zo uit het raampje kijk en een straaljager zie vliegen, die ons zal begeleiden naar het vliegveld. 23 februari is namelijk de dag dat er in Spanje een staatsgreep is gepleegd, om de koning af te zetten om van Spanje weer een republiek te maken. De kogels van de schoten in het gebouw van het Spaanse parlement zijn nog steeds te zien. 23F is dus niet zo maar een stoel. Er zit nu een rustige ennette mevrouw, het komt vast goed. Joan heeft ook nog niks van zich laten horen.

Berlijn 30 augustus 2021

Vanochtend werd ik wakker in Berlijn. Ik keek om me heen en realiseerde me dat de kamer bijna net zo groot is als mijn huis. Om half tien kon ik aanschuiven bij het ontbijtbuffet omdat ze vanwege Covid de bezoekers willen spreiden.

Het was een prima ontbijt alleen vergiste ik me in het ei. Ik vond het al zo raar dat één bak leeg was en dat in de bak ernaast eieren op zand lagen. ‘Wat is dit nou voor een Bio actie. Geen ‘ei uit de wei’ in ieder geval, dan had er wel stro gelegen.’ Ik tikte het ei stuk op mijn bord en flats, een zacht gekookt ei. Balen mijn hele bord zat onder. Wat een smurrie.

Vandaag wilde ik de BG (Berlinische Galerie) bezoeken en het Museum der dingen, beide in de wijk Kreutzveld. De weg er naartoe duurde lang omdat ik maar foto’s bleef maken. Wat een bijzondere stad vooral de combinatie van oud en nieuw. De architectuur spreekt me ook erg aan. Heel divers en overweldigend. Wat ik me ook realiseerde is dat het een hele rijke stad geweest moet zijn. Het operagebouw is zo groot dat het wel een paleis lijkt.

Er zijn vooral veel details te fotograferen. Zo zag ik een metalen deur met een kat en muis spel erop. Boven de deur prijkte een kat maar de klink was in de vorm van een muis.

Tijdens de lunch was er even een misverstand. Ik dacht dat het dagmenu op zijn Spaans zou werken. Een keuze uit meerdere voorgerechten, hoofdgerechten, nagerechten en koffie. Toen uit elke categorie één gerecht aanwees, schrok hij ‘Nee, dat is veel te veel. U gaat zich dood eten. Nee u moet er twee uitkiezen’ Ik had een heerlijke soep vooraf en een aardappelsalade maar op een mediterrane manier bereid.

Het museum was erg rustig en heel mooi. Ik ben verrast door de totaal andere kunst dan in Spanje of Nederland. Van heel veel kunstenaars en stromingen had ik nog nooit gehoord. Het was prachtig. Een schilderij deed me denken aan la maja desnuda van Goya, waar ik eerder een stuk over geschreven heb. Ook deze vrouw lag naakt languit op een rode sofa. Haar uitstraling was alleen heel anders, zo uitdagend als de vrouw van Goya was, zo schuchter en beschaamd lag deze naakte vrouw.

Goya, La maja desnuda, 1797, Museo del Prado, Madrid
Lesser Ury, Liegender Akt, 1889, Berlinische Galerie, Berlijn

Nu ik zelf schilder kijk ik heel anders naar een schilderij. Wat voor kleuren gebruikt de schilder, de penseelstreken. Op wat voor een ondergrond is het geschilderd. Ik vond het leuk om te zien dat er bij een schilderij met een zwarte achtergrond dit expliciet werd vermeld. Zelf gebruik ik zwart ook vaak als achtergrond.

Het Museum van Dingen was erg leuk. Want het was echt een museum met dingen. Je zou kunnen zeggen dat het op een kringloopwinkel lijkt. In dit geval was alles wel goed geordend. Het was wel heel Duits georiënteerd. Bijvoorbeeld veel producten van Braun en geen Philips.

Wat ik erg leuk vond was dat ze een onderscheid hadden gemaakt tussen Oost-Duitse dingen en West-Duitse dingen. Vooral voor Duitsers moet dat erg leuk zijn. Het verbaasde me dat Hitler en de nazidingen afgeplakt waren. Op basis van een wetsartikel was het verboden om het swawitska teken te laten zien. Je zou zeggen dat een museum een uitzondering is omdat het een onderdeel van de Duitse geschiedenis is. Langs een papiertje kon ik nog zien wat er stond. Tja, ik vond het niet echt schokkend. Wat ik wel heel vreemd vond, was het kussen met een afbeelding van Hitler erop. Gewoon, gezellig zo’n kussen op bank… Dat mocht wel.

Ze hadden ook een kast met de categorie Kitsch. Die vond ik erg leuk vooral omdat het de meest prachtige woorden opleverden: Reklamekitsch, Aktualitätskitsch, Hurrakitsch, Fremdenandenkenkitsch, Devotionalienkitsch

En dan nog een paar dingen…

En wat drink je in Berlijn Fritz Kola natuurlijk. Het was een beetje rare tent. Iedereen zat binnen te roken en alle mannen droegen een platte pet. Een beetje subversief. Ik vroeg om een Fritz Kola. De man corrigeerde me. Kola bedoelt u, alsof Coca Cola niet bestaat. Er is alleen “Kola”.

De weg terug naar het hotel was lang en saai. Inmiddels was ik de Oostblok architectuur wel zat. Ik zag wel een prachtig asielzoekerscentrum met een prachtig politiek billboard ervoor. Het woord antisemitismus zag er indrukwekkend uit. Wel pijnlijk dat het anno 2021 nog bestaat.

In de toeristengidsen staan wat leuke straten in Kreutzberg, hip, trendy, in opkomst. Als je die route volgt is het vast leuk. Maar de verpaupering en armoede die ik heb gezien waren toch wel choquerend. Het oude Oost-Berlijn is na 30 jaar na het vallen van de muur nog steeds ver achtergebleven bij de welvaart in West-Berlijn. Het voelde allemaal niet zo pluis, als een soort anonimisering ben ik maar een mondkapje op straat gaan dragen terwijl ik in mijn hoofd het liedje zong van de lanen op, de paden in, vooruit de pas erin. 

Ik dacht een leuke boekwinkel binnen te gaan maar het was een esoterische winkel. Het was allemaal erg zweverig. Even dacht ik voor de gein om wierook en kruiden te kopen zodat ik mijn hotelkamer ritueel zou kunnen reinigen, om alles weer in balans te brengen. Een Frankie & Grace-actie. Weet ik veel wat er allemaal gebeurt kan zijn in mijn hotelkamer. Waarschijnlijk gaat gewoon het brandalarm af. Het hotel heeft overigens een strak schoonmaak-protocol in verband met Covid. Dat lijkt wel op een rituele reiniging.

In de supermarkt zag ik een afdeling met berensnoep. Een hele rij vol met Haribo. “Haribo macht kinder froh…und Erwachensene ebenso!  Ik heb ook thee gekocht, Gelassenheit, heet het. Dat heeft een mens ook nodig Gelassenheit in plaats van calming.

Eenmaal terug in de hotelkamer laat ik het bad vollopen. Door de lange wandeling in de stromende regen is het een ongekend genot en luxe.

Barcelona 4 december

Vandaag regent het enorm hard. Ik heb uitgeslapen en het ontbijt overgeslagen. Rond 12:00 verlaat ik het hotel. Eerst maar even ontbijten in een boekwinkeltje met een restaurant erboven om de hoek bij mijn hotel. Ideale combinatie, bij Broese kunnen ze er nog wat van leren. Het verschil tussen een Nederlandse boekwinkel en een Spaanse is dat ze in Spanje je verleiden om een boek te kopen door hun enorm gevarieerde aanbod. Bij Broese zie ik alleen boeken liggen die ik al ken en voor een breed publiek zijn. Bijleveld daarentegen weet me wel te verleiden. 

Ik heb twee boeken gekocht, een dichtbundel van Patricia Benito “Primera de poeta”. De tekst om de kaft spreekt me aan:

“Leef, verdomme, leef

En als iets je niet bevalt, verander het.

En als iets je bang maakt, overwin het.

En als iets je verliefd maakt, grijp het”.

En het boek ‘Tony Takitani” van Murakami. Een speciale Spaanse geïllustreerde uitgave. 

In het restaurant krijgt een jongen Engelse les. Vrij ernstig dat hij de “basics” niet eens beheerst. Spoon, party, bedroom…ik las in een Catalaanse krant dat jongeren, naast Catalaans slecht Spaans spreken en al helemaal geen Engels. Op school krijgen de kinderen les in het Catalaans en Spaans is een bijvak. Engels wordt alleen aangeboden op dure privéscholen. Hierdoor is het moeilijk voor hen om een goede baan te vinden. 

Natte boel

Ze zijn hier hysterisch met natte paraplu’s. Die moeten echt in een bak direct naast de deur. Een man begon te flippen dat ik met mijn paraplu zijn winkel binnenkwam. “Bij de de deur mevrouw die paraplu!” Ik legde hem op de mat. Hij kwam naar me toegerend en propte hem geïrriteerd in een bak. Naar mijn mening zat die vol, maar oké… Ik zie hier veel mensen met een soort plastic wegwerphoesje om hun paraplu. Bij de ingang van een restaurant hangen deze zakjes voor natte paraplu’s. Handige oplossing.

14.00 Kathedraal

Om aan de regen te ontsnappen heb ik de kathedraal bezocht. Ik hoefde niet in de rij te gaan staan voor een kaartje omdat er bijna niemand was. Veel langer dan normaal heb ik rondgekeken. ik hoorde dat het buiten onweerde en dacht laat de bui maar overtrekken. Maar deze bui bleef hangen. De kerstmarkt bij de kathedraal was voor de helft gesloten. 

Op straat was ook bijna niemand te zien. Geen toeristen in ieder geval. Ik vroeg me af waar ze gebleven waren. Het was code oranje, dat wist ik wel maar ik had er niet de conclusie aan verbonden dat het beter was om binnen te blijven. Ik zag wel dat het erg hard regende en dat de straten overstroomden en in kleine riviertjes veranderden. Een paar rubberlaarzen was geen luxe geweest.

Met de metro was het MACBA niet echt te bereiken, dan zit er niets anders op lopen. De metro was overigens door de hevige regen afgesloten omdat hij onderwater stond. Zoals gebruikelijk kon ik het niet vinden. Steeds zag op de bordjes ‘Museo Pantera Negra” staan, maar daar wil ik niet naar toe! Ik heb weer half Barcelona gezien. Steeds ben ik ergens koffie gaan drinken en heb wat gegeten om een beetje op te drogen. Uiteindelijk vond ik met de google-app het museum.

Leeg restaurant

Erg vriendelijk werd ik niet begroet in het MACBA. Ik was namelijk nat, een natte jas en paraplu. Een mevrouw flipte helemaal omdat er druppels op de grond vielen door mij en dat ik een nat spoor achterliet. Ik vroeg aan haar of het haar opgevallen was dat het buiten regende, hard regende en al de hele dag. Ze haalde haar schouders op. 

Het museum was zeker het bezoek waard, moderne kunst kan ik steeds meer waarderen. 

Wel irritant was een vreselijk lelijke Franse vrouw die steeds voor de kunstwerken stond. Wat een ramp! Lelijke kleding aan, veel te dik. Hopeloos Ik probeerde mijn route te verleggen maar ze bleef maar oppoppen.

Na mijn bezoek aan het museum was ik de regen zat en wilde ik met een taxi terug naar het hotel. Altijd als je een taxi wilt, zijn ze er niet. Dat is de wet van taxi’s. Zie ik ineens een taxi maar die reageert niet op mijn stopteken en rijdt gewoon door. Mierda! Ik stamp met mijn voet op de stoep, midden in een plas; mierda mierda!!

’s Avonds ga ik door de regen naar mijn inmiddels favoriete tapasrestaurant. Voor echt lekker eten wil ik best nog eens nat worden. 

Barcelona 3 december

Barcelona 3 december

Vanavond is het concert van Manolo García. Ik heb er zin in, maar eerst een afspraak met Miguel. We gaan samen wandelen met zijn hond in het park. Hopelijk kan ik de afgesproken plek vinden. Het metrostation ‘Arco de Triunfo’ is groot en de juiste uitgang vinden is niet altijd eenvoudig.

11:30 El Born

Ruimschoots ben ik op tijd bij de afgesproken plek. In de buurt is een grote stripboekenwinkel. In Madrid heb ik veel boeken gekocht deze keer wil ik dat beperken. Vooral omdat ik er veel nog niet heb gelezen. Zonder boek verlaat ik de winkel. Gelukt!

Ik ben in het Chinatown van Barcelona. Blijft lastig om met een Chinees Spaans te praten. Als ik het goed begrepen heb, vraagt ze aan me wat ik wil drinken. “Un cortado”, lijkt mij het meest eenvoudig om te bestellen. De koffiemachine is ontzettend traag, ik sta de koffie uit de machine te kijken. Op de achtergrond hoor ik “Old MacDonald had a farm” in het Chinees. Het wordt gezongen door een tijger in plaats van een koe. Alleen het E-I-E-I-O klinkt hetzelfde, ik word er wel een beetje gestoord van. En de koffie is nog niet klaar. Aan de zijkant van de bar hangt een vrouw. Ik vraag me af of ze het downsyndroom heeft. Tja hoe ziet een ‘Chinese mongool’ eruit? Gelukkig, de koffie is klaar, E-I-E-I-O. Ik geef de Chinese mevrouw achter de bar twee euro en krijg geld terug, ik kan niet verstaan wat ze heeft gezegd.

12:30 La calle Roger de Flor

De naar mijn idee afgesproken plek, is niet juist. Ik zoek naar een man met een hond, maar die komt niet. Dan maar naar een andere uitgang gaan en daar staat hij al te wachten. Met het hondje Gala ben ik direct dikke vrienden. “Hij is wat verlegen”, zegt Miguel. Maar de hond springt enthousiast tegen me op. Het is echt een schatje. De hond verstaat alleen Spaans, dat is even wennen voor me. We lopen richting het park naar een plek waar de hond los kan lopen. Vroeger was het kinderspeeltuintje nu mogen de honden er loslopen. Miguel noemt het de disco voor honden; een ontmoetingsplek voor vrienden. Voor grote honden is hij een beetje bang omdat die nogal ruw spelen. Enthousiast gaat Gala opzoek naar vriendjes. Helaas vandaag zijn ze er niet.

“Tja dat heb je in een disco, je weet van tevoren nooit wie er zullen komen. Of er wat interessants bij zit.” 

Maar vandaag dus niet. 

Ook in Spanje geldt de grap: “Hij doet dat anders nooit, het is zo’n lieve hond”. Overal is het hetzelfde liedje….

Gala graaft enthousiast grote kuilen. Het is een bastaard maar daardoor wel uniek; “Net zoals Batman, daar is er ook maar één van”.

We kijken samen naar mijn tekeningen van engelen. Wat hem direct opvalt, is dat ik geen gezichten heb getekend. Maar waarom zouden engelen een gezicht hebben? Dat is iets wat door mensen verzonnen is. Ze zien er ook allemaal altijd hetzelfde uit, blond haar, lichte huidskleur, perfect kloppend gezicht…

“Heb je ooit een lelijke engel gezien”, vraagt hij aan mij. 

“Met een neus zoals ik heb, van een jood?” 

“Jij hebt engelen gezien zonder gezicht” Lijkt hem het bewijs dat ze echt waren. Hij vindt dat één van mijn engelen lijkt op een buitenaards wezen. Waarom zouden ze ook een menselijk vorm hebben? Zelf ben ik niet zo blij met de engelen. Hij wil graag weten waarom niet. “Het is vreemd en ze komen onverwacht” is mijn antwoord. 

“Ze zijn dus niet als vampiers daar kun je een afspraak mee maken en een feestje plannen. Misschien zijn engelen ook niet zo in voor een feestje. Ze drinken vast geen alcohol. Een engel die alcohol drinkt? Dronken engelen zijn vreemd. Dronken vampiers niet”

Inmiddels is de hond gezellig tussen ons in komen zitten. Ik vraag wat hij ervan vindt, hij kijkt me aan en draait met zijn oren. Miguel zegt dat zijn oren twee kleine antennes zijn die alles in de gaten houden. De hond krijgt nog een snoepje.

Twee hazewindhonden krijgen grote ruzie. De ene schijnt verliefd te zijn op de andere maar het is niet wederzijds. De hond bijt van zich af waardoor de baasjes ruzie krijgen. De vrouw klaagt dat het steeds zo gaat tussen deze honden. “Had de andere hond wat, is ze gebeten?” vraagt Miguel.

“Nee, niks aan de hand, de eigenaar is net zo hysterisch als de hond”

”De hond heeft dus alleen een gebroken hart; zo gaat dat in een disco.”, antwoordt hij.

Ik krijg een boekje van hem over een activiteit in Caixaforum waar hij tekeningen heeft gemaakt van een dansevenement.

Een Chinese medicijnman heeft Miguel een dieet gestuurd waardoor Maria, zijn autistische dochter, weer beter wordt. ‘Dear Mister’ begint de mail… Vooral geen zwarte vis en knoflook eten. Er staat ook een gebed bij in het Chinees, met fonetische vertaling. Na elke maaltijd drie keer uitspreken. Bijzonder. Er zijn veel mensen die hem behandelingen voor Maria sturen. Maar een Chinese behandeling is nieuw voor hem. Hij vraagt of ik het wil proberen, maar ik bedank hem vriendelijk.

Gisteren had hij Chinezen op bezoek. Ze gingen zijn huis door aan de hand van Feng Shui. Liefde, was in de keuken, dat was goed. Geluk, in de woonkamer, ook goed. Maar rijkdom in het toilet, dat was heel slecht. Hij spoelt het geld door, in het riool. “Ik word dus nooit rijk” was zijn conclusie. Daar hadden de Chinezen een oplossing voor, om de energie in goede banen te leiden. Namelijk, drie kleine spiegeltjes. Deze moest hij op bepaalde plekken omgekeerd (met de spiegel naar beneden) opplakken. Daarmee zou het probleem verholpen zijn. 

We hebben het ook nog even gehad over “Hulp op 4 poten”. Een hulphond voor mensen met autisme of een therapie voor mensen met ptss. Hij dacht dat je als mens op vier poten moest gaan lopen en zo vanuit het perspectief van een hond de wereld bekijkt. “Nee, de hond stelt je gerust als je nerveus wordt. Het is een maatje” “Wat doet die hond dan?” was zijn vraag. Ik probeerde het verder uit te leggen maar dat lukte uiteindelijk niet. “In Nederland hebben ze duidelijk teveel geld, ‘hulp op vier poten’!. Er is geen mens in Spanje die daarvoor wil betalen. Een blinde geleidehond, dat wel, maar daar houdt het op.”

Miguel vertelt me over de demonstraties in oktober in Barcelona. Het was behoorlijk heftig. Voor zijn huis werden scooters en vuilniscontainers in brand gestoken. Uiteindelijk vloog ook een boom voor zijn huis in brand. Even was hij bang dat zijn huis zou afbranden. Met name omdat de brandweer niet bij zijn huis kon komen. De weg was bezet door demonstranten. De hond was zo bang dat hij onder de kast kroop. Gelukkig is het nu weer rustig in Barcelona. 

15:15 Chinees restaurant

Nummer 87

Omdat hij een presentatie moet voorbereiden, eten we deze keer niet samen. Hij brengt me naar een Chinees restaurant en raadt me een gerecht met aubergine aan. Omdat ik de naam niet kan onthouden, onthoud ik het nummer: 87. Eenmaal binnen moet even wachten tot er een tafel vrij is. Een Chinese mevrouw vraagt wat ik wil eten. Communiceren in het Spaans gaat wat moeizaam en ik noem het nummer. Ze heeft geen idee wat ik bedoel. Uiteindelijk pakt ze de Engelse menukaart, waar de nummers erbij staan. Ik wil ook nog loempia’s. Dat is toch Chinees, dat moet ze begrijpen. Ze begrijpt het niet. Ik probeer het uit te leggen; met deeg en groente erin, gefrituurd? Geen idee. Ze brabbelt wat en ga akkoord want dit leidt tot niets.

Uiteindelijk krijg ik geen loempia’s maar lichtgevende aubergines. Het smaakt niet vies, maar ook niet echt lekker. Doe mij maar onze Chinees, gewoon Nasigoreng…

17:45 El Corte Ingles “Largate!”

Ik besluit om voor het avondeten een salade bij de supermarkt te halen. In de kelder van het warenhuis “El Corte Ingles” zit een grote supermarkt. Verbaasd kijk ik rond naar wat ze allemaal verkopen. Dan komen wij in Nederland er maar bekaaid vanaf. De Appie met zijn hamsters heeft nog geen kwart van het assortiment. Zo worden we in Nederland beperkt in ons eten, echt lekker eten zit er voor ons niet in.

Bij de zelfservicekassa reken ik af. Inmiddels heb ik door hoe de automaat hier werkt. Erg handig, het mandje komt vanzelf omhoog als je het in de standaard zet, waardoor je op ergonomische hoogte je boodschappen eruit kunt halen. Achter mij zie ik een man staan draaien. Beetje vreemd, denk ik. ‘Hij wacht vast op zijn beurt’. Even later kijk ik om, de man staat er nog steeds. Zonder mandje en veel te dicht bij me. Ik begin lichtelijk nerveus en geïrriteerd te raken. Mijn portemonnee stop ik diep in mijn rugzak. Als ik de supermarkt uitloop zie ik vanuit mijn ooghoek dat hij achter me aanloopt. Shit! Ik loop langs de delicatessezaken richting de uitgang, maar ik wil de winkel niet uit met deze man achter me aan. Ik check nogmaals of hij me volgt en jawel hoor geen twijfel mogelijk. Shit, shit, shit wat nu? Er zit niks anders op dan de confrontatie aan te gaan. Hij moet gewoon stoppen met me te volgen voordat ik de winkel verlaat. Ik maak wat vaart, stop abrupt en draai me om. Zoals verwacht loopt hij bijna tegen me aan. Oké daar gaan we! In het Spaans vraag ik wat hij van me wil. Vijftig cent, is zijn antwoord. Niet veel, maar inmiddels denk ik alleen nog maar “flikker op”. In mijn beste Spaans begin ik luid erop los te schelden. Zodat mijn boodschap duidelijk is en iedereen in de winkel weet dat er een probleem is. Hij staat wat bedremmeld te kijken en loopt uiteindelijk weg. Voor de zekerheid controleer ik of ik mijn portemonnee nog heb en sta ik confuus in de winkel. Ik zie hem een gang in lopen maar ben er nog niet gerust op. Bij de uitgang van het warenhuis staan beveiligers en op het plein ervoor staat politie. Ik besluit om buiten een tijdje te wachten voordat ik terugloop naar mijn hotel. Zodat ik zeker weet dat hij echt verdwenen is. Zo niet, dan is hulp dichtbij. Ik baal ervan en voel me onveilig op straat. Vanavond zou ik naar een concert gaan. Even twijfel ik of ik nog wel wil gaan, maar door zo’n klojo laat ik mijn vakantie niet verpesten. Het theater is om de hoek en in een op zich veilige buurt.

20:45 Teatro Tivoli

Voor de ingang van het concertgebouw is het druk. Iedereen wil met de reclame van het concert op de foto. Ik koop een t-shirt als aandenken. Mijn stoel kan ik snel vinden maar ik ben wel enorm teleurgesteld. Ik zit namelijk op een verhoogde houten stoel in een loge. Op mijn kaartje staat nummer vijf, maar in de loge is geen stoelnummer vijf. Wat nu? Als autist moet ik natuurlijk wel op nummer vijf zitten. Een vader en zoontje zitten op andere stoelen. Ik vraag of zij wellicht op nummer vijf zitten. Nee, het jongetje telt de stoelen en nummer zes is mijn stoel. Oké…

21:00 Manolo Garcia …

Het concert gaat maar liefst drie uur duren, zonder pauze. Die Spanjaarden zijn niet van het toneel te krijgen. De muziek is erg mooi en de zanger is erg sympathiek. Zo doneert hij bijvoorbeeld een deel van de opbrengst van het concert aan dakloze straatmuzikanten en heeft hij een hele rij voor hen gereserveerd zodat ze een avondje uit zijn. ”Het zijn collega’s”. 

Hij zingt een liedje over een doos met foto’s en merkt daarbij op dat we nu duizenden foto’s maken en er nooit meer naar kijken. De doos met foto’s gooien we echter niet weg. Regelmatig loopt hij een rondje door de zaal. Bij het eerste rondje vliegt een vrouw uit haar stoel en geeft hem een bosje bloemen. Een Spaans bosje bloemen, wat groene takjes met een roos. Hij kust de bloemen en houdt het boeket tegen zijn hart. De vrouw is in extase en de bloemen krijgen een plekje op het podium. 

Het is een akoestische voorstelling omdat de zanger dichter bij zijn publiek wil zijn en niet meer in volle stadions wil optreden. Ik heb uiteindelijk een topplek omdat de zanger, als ik dat zou willen, aan zou kunnen raken. Bij “Nunca es tarde” loopt hij zingend door de zaal. Een meisje dat voor mij in de loge zit steekt haar hand uit. Het is een magere hand van een veel te mager meisje. Hij pakt haar hand vast, kijkt haar aan en zingt het lied voor haar. De hele zaal is ontroerd en maakt foto’s.

Het laatste uur staat iedereen mee te zingen en te dansen in de zaal. Luid roept iedereen zijn naam “Manolo, Manolo, te quiero” en mes (meer) De zanger sluit in het Catalaans af en is voor de Catalaanse onafhankelijkheid. Een volk mag zelf bepalen door wie het wordt geregeerd en dit wordt niet bepaald door de regeerders. Het dak gaat eraf.

12.15 Hotel Granvia

Heerlijk naar bed.