Let op de hamsters

Het zijn weer hamsterweken bij de Albert Hein. Als ik ergens een hekel aan heb dan zijn het die shit hamsters. Ik word er helemaal gek van al die hamsters op de vloer, in de schappen en de talloze onzin aanbiedingen. Voordeel bij de AH is niet altijd voordeel voor de klant.

Inmiddels kun je de hamsters ook tot leven brengen en je eigen hamster-selfie maken. Ik houd helemaal niet van selfies en zeker niet met een AH hamster. Op de website wordt gedetailleerd uitgelegd hoe je een hamster kunt activeren en dat je niet in paniek moet raken als je nog geen hamster hebt gezien. Dat vind ik vreemd, voor je het weet heb je een hamsterobsessie. “Waar zijn de hamsters?”

Breng de hamsters nu echt tot leven, Scan mij

De hamsters breng je tot leven door het hamsterwekenlogo of je Albert Heijn Bonuskaart te scannen. Kun je niet wachten om te beginnen maar ben je nog geen hamsterwekenlogo tegengekomen, geen paniek!Scan dan het logo hiernaast. Overal waar je dit logo ziet, in de winkel, in de Bonusfolder of Allerhande, komen de hamsters tot leven. Naast het hamsterwekenlogo kun je ook je Albert Heijn Bonuskaart scannen.

Bij de ingang van de winkel zijn er grote hamsters op de vloer geplakt. De hekjes gingen niet automatisch open. Ik dacht “Moet ik die hamsters zelf scannen om door te kunnen lopen?” Inmiddels stond ik vast en werd ik gevangen gehouden tussen de poortjes. Gelukkig werd ik gered door een meisje van de servicebalie die de poortjes opende Toen zag ik dat ik op de hamsters op de vloer stond, werd ik enigszins nerveus, “dadelijk komen ze tot leven, help”.

De handscanner heb ik niet gebruikt, voor je het weet zit er een hamster in. Die je allerlei dingen laat kopen die je niet nodig hebt. Komt hij in de scanner tot leven en gaat hij tegen je praten. “Hamsterweken: Laat deze aanbieding niet lopen.” Nou dan ga ik het apparaat slopen.

Bij het afrekenen met de zelfservicekassa werd het me ook niet makkelijk gemaakt. Een aantal zelfscankassas waren gesloten. De hamsters in de kassa zeiden: “ik ben momenteel niet aan het werk, zoek een andere kassa.” Je ziet een hamster met een drankje in een hangmat liggen. Toen ik uiteindelijk al mijn boodschappen had gescand  begon een hamster weer te zeuren. “Bij de kiptandoori hoort creme fraiche, bent u het vergeten? ” Dan verschijnt de optie: Ga terug of Eindig uw aankopen. Zo kom je nooit meer thuis als je steeds terug wordt gestuurd in de winkel

Wat ik opmerkelijk vind is dat er een aantal hamsters geradicaliseerd zijn. De AH wil daar niet veel over zeggen. Alleen dat ze een bomgordel dragen van een gebreide plastic AH boodschappentassen. Een aantal hamsters zou granaten aan de deur hebben gehangen. Ze zijn er tegen dat de  Albert Hein hamstervlees in katten- en hondenvoer  verwerkt. De hamster activisten krijgen steun uit het hele land. De AH heeft extra veiligheidsmaatregelen genomen.

Ze moeten er gewoon mee stoppen, met die hamsters. Het is mooi geweest, alle hamsters met pensioen.

 

 

 

Je moet het zelf maar weten, vervolg

Een aantal weken geleden heb ik een tekst geschreven over de website “Wish”. Een site met onder andere erotische producten. Degene die me de site had aanbevolen, was geshockeerd dat er dergelijke producten werden verkocht. Hij zou aan zijn zoon van vijftien vragen of hij ook erotische en porno-achtige spullen op de website had gezien. Die arme jongen had er niks mee te maken. Best wel sneu voor hem dat zijn vader wilde weten of hij naar pornosites kijkt. Ik dacht nog wel even aan zijn vrouw, maar zij is vast niet de bron. Ik zie het al gebeuren, komt hij thuis van zijn werk en vraagt hij aan zijn vrouw wat ze heeft gedaan vandaag “Er was weer een leuke aanbieding bij Wish, ik heb direct vier buttplugs gekocht”. “Goede actie, schat”.

Het gedoe met de site liet me niet los. Wat was er gebeurd? Ik stond te koken en ineens dacht ik, het is de buurjongen “Franske junior”. Hij maakt gratis gebruik van mijn internet op voorwaarde dat hij geen “gekke” sites bekijkt. Ik heb aan hem duidelijk gemaakt wat ik onder “gekke sites” versta. Geen porno dan wel kinderporno, geen onthoofdingsfilmpjes en andere debielen sites, waarvan ik het bestaan niet eens wil weten. Hij zou deze sites niet gaan bezoeken omdat hij bij het NFI werkt.

Ik moest hoe dan ook een keer met hem praten over zijn internetgebruik. Al was het alleen maar om vast te stellen dat hij geen ongepaste producten bekijkt en koopt. Na een paar dagen had ik alle moed bij elkaar geraapt om met hem te praten. Zachtjes klopte ik  op zijn deur en hij deed open. Ik zei dat ik even met hem wilde praten, maar die dag had hij geen tijd.

De volgende dag kwam ik hem tegen bij de douche, helemaal naakt op een te klein handdoekje na. Hij vroeg aan mij wat ik met hem wilde bespreken. Het voelde niet als  het juiste moment om met hem een gesprek te hebben over zijn gedrag op internet. Ik zei dat het probleem met mijn router weer was opgelost. Altijd fijn om niet bestaande problemen op te lossen. Hoe dan ook wil ik dat hij een eigen internetaansluiting regelt. Binnenkort ben ik een paar weken weg en ik laat het modem niet alleen voor hem aanstaan. Dan zal hij het op een andere manier moeten oplossen. Ik wil in ieder geval van die shit op mijn internet af.

Je moet het zelf maar weten.

 

 

 

 

 

 

Blokfluit

De afgelopen weken probeert iemand in de buurt om blokfluit te spelen en oefent iemand anders voor de Voice of Holland. Tegenwoordig hebben we allemaal een muzikaal talent. Het moet alleen nog verder ontwikkeld worden. Dan krijg je dus mensen die elke dag een uur staan te zingen of op hun blokfluit spelen in de tuin. Het meisje met de blokfluit maakt weinig progressie, het liedje “Boer wat zeg je van mijn kippen?” klinkt erg vals. Het andere meisje van de Voice, dat gaat niets worden ofschoon ze vol overgave zingt.

Dan is er ook nog het kinderdagverblijf. Door het mooie weer zaten ze veel buiten te zingen. De leidster speelde op haar blokfluit steeds hetzelfde liedje: ‘Klap eens met handjes, blij blij, blij’. De peuters zongen vrolijk mee. Ik werd er echter gestoord van, steeds weer hetzelfde liedje. Ik kreeg er gewelddadige gedachten van. Muziek is ook een bekend middel om iemand te martelen. Ik kon haar blokfluit inmiddels door haar strot duwen.

Op de lagere school moest ik na schooltijd naar de blokfluitles maar dat werd geen succes. Ik wilde eigenlijk piano spelen en geen blokfluit. Het idee dat ik eerst noten moest leren lezen met een blokfluit vond ik idioot. Bovendien wilde ik na schooltijd veel liever in bomen klimmen.

Voor de lessen moesten we van de dependance naar het hoofdgebouw lopen. Dat was voor mij een mogelijkheid om te “ontsnappen”. Ik rende heel hard de andere kant op. De juffrouw kon roepen wat ze wilde maar ik ging alleen maar harder rennen. Er waren overigens alleen maar meisjes die naar de blokfluitles gingen. Daar baalde ik behoorlijk van. Als jongen was het niet nodig geweest om op de blokfluit te leren spelen.

Ik was helemaal niet gemotiveerd en in de les was ik erg irritant. Ik stak nog net niet de blokfluit omgekeerd in mijn mond maar daar is ook alles meegezegd. Ik kreeg ook steeds ruzie met een meisje die een plastic blokfluit had. Naar mijn mening moest een blokfluit van hout zijn. Een plastic fluit vond ik stom en het geluid was raar. De juf zei steeds dat het niet uitmaakte, maar ik was niet te overtuigen. Onder de tafel schopte ik het meisje tegen haar benen, in de hoop dat ze zou stoppen.

Gelukkig had ik goede vrienden die geen blokfluitles hadden. Zij gingen tijdens mijn les voor de ramen van het klaslokaal staan, ze trokken gekke bekken en bonsden op de ramen. De blokfluitjuf  probeerde hen wel weg te sturen maar dat lukte niet echt. Toen mijn vriendjes kluiten tegen de ramen gooiden raakte de juf overstuur en werd ik weggestuurd. Mijn moeder ging naar de juffrouw om opheldering te vragen. Ze barste al snel in tranen uit en zei “Neem haar alstublieft mee, al het geld van de lessen krijgt u terug” Daar strandde mijn muzikale ontwikkeling.

 

Larry onderbreekt Sammy

 

 

 

Ongeloof bij het UWV

Tijdens haar studie was Mayke al ziek maar dat leidde niet tot problemen. Die kwamen pas toen ze na afstuderen aan de slag ging op de arbeidsmarkt.

Ik ben cum laude afgestudeerd in het gezondheidsrecht. Eenmaal aan het werk bleek al snel dat een baan als jurist te zwaar voor me was. Ik kreeg een zware depressie en kwam ziek thuis te zitten. Bij het UWV konden ze niet geloven dat ik niet kon werken. Cum laude afgestudeerd en vervolgens kun je niet werken?

Groen Links

Voordat ik afgekeurd werd, had ik een WW-uitkering met sollicitatieplicht. Als ik werd uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek, werd bij binnenkomst al gevraagd ‘Mevrouw voelt u zich wel goed? Kunnen we iets voor u doen? U moet zeker solliciteren van het UWV maar u bent veel te ziek om te werken’.

Tja, dan vraag je je af waar je mee bezig bent. Ik mocht niet zeggen dat ik ziek was omdat ik dan verwijtbaar werkloos was met als gevolg dat ze mijn uitkering stopten. Ik moest ook solliciteren op passende functies, bijvoorbeeld als advocaat-stagiair. Bij een advocatenkantoor verliep het gesprek zo goed dat ik dacht ze me wilden aannemen. Maar die baan kon ik helemaal niet aan en zou eindigen in een drama. Voor beide partijen was het beter als ik niet aangenomen werd. Ik dacht ik moet ervoor zorgen dat ze me afwijzen. Het was een rechts georiënteerd advocatenkantoor. Op de vraag of ik lid was van een politieke partij antwoordde ik “Ja, van Groen Links.” Ik zag aan hun gezichten dat het de foute partij was, gelukkig. “We nemen nog wel contact met u op.”

Winny de Poeh

De re-integratiebedrijven waren een ramp. Ik moest leren om een goede sollicitatiebrief te schrijven. Dat kon ik wel, dat was geen probleem. Ook een sollicitatiegesprek was geen probleem. Het probleem was dat ik ziek was, daar kon een re-integratiebureau niet zoveel aan veranderen. Eén re-integratiebureau had een bijzondere aanpak. Bij binnenkomst zag ik een aantal handpoppen van Winny de Poeh en zijn vriendjes op de kapstok. Deze mevrouw heeft kleinkinderen, grappig, dacht ik. Eenmaal binnen in haar kantoor zag ik overal Winny de Poeh, Teigetje, Iejoor en Knorretje en ik waande me even in een kinderdagverblijf. Er stonden allemaal poppen die konden bewegen en zingen, dat liet ze trots aan me zien. Ook het servies was met Winny de Poeh erop, de prenten aan de muur, echt overal waar ik keek. Zelfs op het briefpapier van het bedrijf stond Winny de Poeh.

Quote: ‘Hoe kom ik hier zo snel mogelijk weer weg?’

Ze vertelde me dat Winny de Poeh een hele wijze beer was en dat ze deze wijsheid als filosofie voor haar bedrijf gebruikte. Met behulp van Winny de Poeh kon ik een passende baan vinden. Ik dacht, hoe kom ik hier zo snel mogelijk weer weg? Dat was niet zo eenvoudig. Het UWV had me naar dit bedrijf gestuurd en als ik niet meewerkte zou mijn uitkering worden stopgezet. Er zat dus niks anders op dan naar haar toe te blijven gaan. Tot ze op een dag huilend voor de deur van haar bedrijf zat. Ze was haar sleutels kwijt en ze had ruzie gekregen met haar secretaresse. Ik dacht Winny de Poeh heeft hier ook vast een oplossing voor. Toen heb ik het UWV gebeld en gezegd dat dit echt niet ging werken. Gelukkig waren ze het vrij snel met me eens toen ik ze vertelde dat Winny de Poeh me aan een baan ging helpen.

Steeds zieker

Bij iedere mislukte poging van een re-integratiebureau werd mijn hoop op een betaalde baan kleiner. De druk van de trajecten kon ik helemaal niet aan, ik werd alleen maar zieker. Mijn behandelaars namen contact op met het UWV.  Voor hen echter was alleen de mening van hun eigen arts van belang. En die vond dat ik niks mankeerde en prima kon werken.

Uiteindelijk was er iemand van een re-integratiebureau die inzag dat ik alleen maar zieker werd. Zij vond het onverantwoord om ermee door te gaan. Hierbij speelde mee dat ze eerder een cliënt met psychische klachten had gehad die uiteindelijk op de gesloten afdeling van een psychiatrisch ziekenhuis belandde. En daar hield het op.

Te veel prikkels

Betaald werk is voor mij te moeilijk omdat er dan meer eisen aan me worden gesteld. In betaalde banen liep ik vast omdat de werkdruk te hoog was. Verder waren er op mijn werkplek te veel prikkels waardoor ik me moeilijk kon concentreren. Daarbij verliep de samenwerking met collega’s moeizaam. Met de hulp van een aantal re-integratiebureaus heb ik geprobeerd om passend betaald werk te vinden. Dat is niet gelukt. Het kost bedrijven te veel tijd om mij te begeleiden en ik ben te vaak niet in staat om te werken.

Nu doe ik al jaren vrijwilligerswerk bij verschillende bedrijven. Zo werk ik in het informatiecentrum bij het Centraal Museum en doe ik vrijwilligerswerk bij Instituto Cervantes op de culturele afdeling. Daarnaast werk ik een aantal uren bij Stichting Patiëntenvertrouwenspersoon als jurist. Vooral de diversiteit in mijn werkzaamheden vind ik prettig. Alles bij elkaar opgeteld gaat het om een beperkt aantal uren. Toch heb ik het gevoel dat ik nuttig bezig ben. Een andere belangrijke reden om vrijwilligerswerk te doen zijn de sociale contacten. Van hele dagen alleen thuiszitten ga ik me niet beter voelen. Wat ik ook belangrijk vind, is dat de afstand tot de arbeidsmarkt niet te groot wordt. Dat is voor het geval ik ooit nog een betaalde baan ga zoeken.

Het duurde een hele tijd voordat ik me wat beter voelde en kon gaan nadenken over wat ik wilde en wat ik kon gaan doen. Gelukkig heb ik veel plezier in mijn huidige vrijwilligerswerk. Het is wel een hele puzzel om het met mijn ziekte te combineren, maar vooralsnog gaat het goed.